aantekening #7083


~ * ~ * ~ * ~

Op YouTube staat sinds gisteren een filmpje met fragmenten van nieuwe series, documentaires en films die in juni voor het eerst op Netflix te zien zullen zijn. In dat filmpje zitten een aantal flitsen van de documentaire die Martin Scorsese maakte over Dylans Rolling Thunder Revue.
Flitsen van Dylan op een podium, een recente(re) Dylan en Dylan en Allen Ginsberg bij het graf van Jack Kerouac.
Bij dat graf lazen Allen Ginsberg en Bob Dylan uit Mexico City Blues, een dichtbundel van Jack Kerouac. Dat lezen zit niet in de paar seconden die nu op YouTube staan. Wat we wel te zien krijgen - en nog niet te horen - is Bob Dylan die speelt op het door Allen Ginsberg meegebrachte harmonium.
Hoeveel seconden van de 1975-film krijgen we te zien in het reclamefilmpje? Ik heb het niet geklokt, maar als ik een schatting zou moeten maken, zou ik zeggen ergens tussen de 5 en de 10 seconden. Niet meer.
Het is genoeg om me te doen verlangen naar die film.

~ * ~ * ~ * ~

23 mei, vandaag drieënveertig jaar geleden speelde Bob Dylan een niets ontziende versie van "Idiot Wind" tijdens een concert in Fort Collins, Colorado. Die "Idiot Wind" is te horen op het album Hard Rain en te zien in de gelijknamige concertfilm.
Een aantal jaren geleden maakte ik een screenshot van een getergde Dylan die de woorden van "Idiot Wind" het publiek in spuugt op die dag in mei in Fort Collins. Het screenshot heeft jaren in de zijbalk van deze blog gestaan, een paar jaar geleden heb ik die afbeelding van de blog gehaald. 
Het grappige is dat ik die afbeelding, het screenshot dat ik ooit maakte, steeds vaker op internet tegenkom. Vandaag nog (zie hier). Blijkbaar ben ik niet de enige die deze foto een goede weergave van het het concert op 23 mei 1976 vindt.


~ * ~ * ~ * ~

I can’t feel you anymore, I can’t even touch the books you’ve read
Every time I crawl past your door, I been wishin’ I was somebody else instead
Down the highway, down the tracks, down the road to ecstasy
I followed you beneath the stars, hounded by your memory
And all your ragin’ glory

~ * ~ * ~ * ~

"Hé, met mij."
"Zeg het eens."
"Heb jij dat kaartje nog gestuurd?"
"Dat zou jij toch doen."
"Nee, jij! Dat heb ik je nog gevraagd!"
"Nou, dat had ik niet begrepen."
"Lekker dan."
"Stuur ik er morgen toch alsnog eentje."
"Da's natuurlijk te laat, hè."
"Kan toch nog wel..."
"Nee joh, morgen is hij al jarig."
"O, morgen al."
"Verdomme. Ik vroeg je een simpel iets te doen..."
"Sorry hoor, ik heb je gewoon niet goed begrepen."
"Ik los het wel weer op."
"Maar ik kan toch alsnog..."
"Nee, laat maar. Ik stuur morgen wel een kaartje digitaal."
"Of je laat een bosje bloemen bezorgen."
"Nah... Ik bedenk het wel wat 't gaat worden. Komt goed."
"Doe je het wel namens ons samen dan?"
"Als je meebetaalt wel, ja."

Hard Rain

Ieder jaar rond de derde week van mei voel ik dat 't moet om de rust weer in mijn kop te krijgen: Hard Rain draaien, misschien wel Dylans beste live-album.
Beter dan Before The Flood of Unplugged.

Ik zie mezelf weer de trap aflopen in het ouderlijk huis - altijd datzelfde beeld als ik aan Hard Rain denk - zestien jaar & de paar noten die "Maggie's Farm" inleiden voor me uit fluitend.
Muziek is herinnering.
Herinnering en beeld.
De zwart omrande ogen van de 34-jarige Bob Dylan staren me aan vanaf de hoes van Hard Rain. Ze volgen me door de kamer.
Ik ben inmiddels ouder dan de Hard Rain-Dylan & toch zal hij altijd mijn senior zijn.
Ik herinner mij niets van mei 1976, ik was drie toen Hard Rain werd opgenomen. Ik ben nu 46 & Bob Dylan is ouder dan mijn vader is.
Zo'n dertig jaar geleden hoorde ik Hard Rain voor het eerst.
Soms is muziek ook gewoon wiskunde.

Is het mogelijk om in mei niet aan Hard Rain te denken?
Wat men ook beweert, er zijn domme vragen.

Iedere keer als ik Dave Rawlings in "Method Acting / Cortez the Killer" hoor zingen dat T-Bone de tape moet laten rollen denk ik aan Hard Rain.
Dat gaat zo:

So T-Bone, please keep the tape rolling
We'll keep strumming that guitar
We need a record of our failures
We must document our love

T-Bone Burnett liet tijdens de opnamen voor Hard Rain geen banden lopen, hij speelde gitaar en piano.
Een kop vol associaties is een kop vol verwarring.

Vier songs van dit album werden opgenomen op 16 mei 1976 tijdens een concert in Fort Worth, Texas: "I Threw It All Away", "Stuck Inside Of Mobile With The Memphis Blues Again", "Oh Sister" en "Lay, Lady, Lay". De overige vijf nummers werden een week later, op 23 mei tijdens het concert in Fort Collins, Colorado, opgenomen.
Soms is muziek een verzameling feiten en wetenswaardigheden.

Goed, ik luister naar Hard Rain, het is zo'n beetje de derde week van mei. Het is tijd.
De muziek is bruut, soms op een tedere manier bruut, zoals in "Oh Sister" en "Lay, Lady, Lay", maar bovenal is het bruut. Hard. Take no prisoners, dàt soort muziek.
Hoe goed ik het album als geheel ook vind, ik kan eigenlijk nooit wachten tot ik aan kant twee kan beginnen.
Het zoeken met de slidegitaar aan het begin van "Shelter From The Storm" trekt een nieuwe wereld open, een wereld die er voor kant 2 van Hard Rain niet bestond, niet voorstelbaar was.
Het is op het randje, deze "Shelter From The Storm", zwevend tussen er net op en er net naast. Het wankelen op dat randje maakt dit zo mooi.
Als ik naar Hard Rain luister zie ik de beelden uit de gelijknamige concertfilm voor mij verschijnen. Beeld en geluid zijn bij Hard Rain onlosmakelijk met elkaar verbonden.
Tijdens "You're A Big Girl Now" gebruikt Dylan een van zijn andere stemmen. De muziek, de sfeer krijgt een schop in een andere richting.
De viool die er doorheen krast als een psycholoog door de geest van een puber. Het heelt, maar er blijft ook wat achter.

Past een song van Nashville Skyline tussen drie songs van Blood On The Tracks? Wel als je Dylan op een podium zet.
"I Threw It All Away" wordt opengescheurd en dan moet het echte werk nog beginnen.

Ik geloof niet spoken. Ik ben niet bang voor de belastingen, God of eenzaamheid. Ik ben bang voor Bob Dylan die "Idiot Wind" zingt, 23 mei 1976.
En toch luister ik iedere keer weer, want ondanks de angst voor wat dit met mij doet, doet het vooral ook veel goeds.

Het zet tijd stil.
Het laat mij die diepste uithoeken van mijn geest zien.
Het tilt me op en kwakt mij weer neer.
Het scheldt me uit terwijl het mijn haar aait.
Het verscheurt me.
Het verscheurt me zodat ik als nieuw kan opstaan.
Het is Dylans feniks-song.

En aan het eind spring ik op als een klein kind, klap in mijn handen en roep "nog een keer, nog een keer, nog een keer."
En begin van voren af aan.
Ik begin met de jongen van 16 die de inleidende noten van "Maggie's Farm" voor zich uit fluit terwijl hij de trap van het ouderlijk huis afloopt.
Laat het altijd de derde week van mei zijn.

Ellyn Maybe

Tweeënhalve week geleden schreef ik hier onder de titel "boeken" onder andere over The Outlaw Bible of American Poetry. In die bloemlezing las ik voor het eerst poëzie van Ellyn Maybe. Omdat ik onder de indruk was van haar gedichten in The Outlaw Bible of American Poetry bestelde ik bij een of andere winkel in Amerika de bundel The Cowardice of Amnesia (1998) van Maybe.
Die bundel viel gisteren op de deurmat. Ik heb 'm inmiddels gelezen. Een uitstekende bundel, helemaal in mijn straatje.
Nou lees ik wel vaker een boek waarvan ik onder de indruk ben, maar dat betekent nog niet dat ik er hier over schrijf. Als ik hier over een boek schrijf, dan moet er een Dylan-connectie zijn.
Ik ben Bob Dylan op veertien verschillende bladzijden in deze bundel tegengekomen, zoals bijvoorbeeld in het gedicht "Ball & Chain Record Store":

Hippies and New Age people are like
     the difference between Bob Dylan and Bob Hope.

Of in het gedicht "My Mind Is a Radio":

my mind is a radio
once I could sing
        the play by play of Blonde on Blonde
        like it was Eddie Doucette weaving
        basketball free throw averages
        with a handful of scars

every day I listened to all Dylan
        all of the times there are a-changin'

I sat in a rockin' roll chair
my own Edward Hopper painting

my eyelids showing outtakes
        from Renaldo and Clara
        and Eat The Document
        to the amphitheater
        between retina and lash

Rolling Thunder Revue - voor wie niet kan wachten

Voor wie niet kan wachten, op bol.com zijn samples van alle tracks op The Rolling Thunder Revue: The 1975 Live Recordings te beluisteren. Zie hier.
[met dank aan Hans]


verkoop

Onlangs is een privécollectie van een Dylan-verzamelaar vrijgekomen voor de verkoop. 90% van de collectie wordt nog niet online aangeboden. Het gaat om een grote collectie bestaande uit boeken, dvd's en cd's.
Mocht je serieus interesse hebben om te kijken (in Amersfoort) of er items bijzitten die jij zou willen kopen, stuur mij dan even een e-mail, dan breng ik je in contact met de verkoper.

Don’t Ya Tell Henry (1967) - door Jochen Markhorst


Don’t Ya Tell Henry (1967)

“Die oude folksongs,” zegt Dylan in het chaotische, onserieuze New York Post-interview met Nora Ephron en Susan Edmiston in de late zomer van 1965, “dat is de enige muziek waarin het allemaal niet zo simpel is. Die zijn bizar, gevuld met legendes, mythes, Bijbel en geesten. Zelf heb ik nog nooit iets geschreven dat moeilijk te begrijpen is, althans niet voor mij, en niets dat zo uitzinnig is als die oude songs. Die gaan echt helemaal los.”
“Zoals welke songs?” vragen de dames.
Little Brown Dog,” antwoordt Dylan, en hij zingt een stukje voor: “I bought a little brown dog, its face is all gray. Now I’m going toTurkey flying on my bottle.”

Het is - wederom - een halfserieus antwoord. "Little Brown Dog" is inderdaad een eeuwenoud, bizar liedje dat helemaal teruggaat naar "When I Was A Little Boy", waarvan weer echo’s te horen zijn in “Nottamun Town”, dat door Dylan omgekat zal worden tot "Masters Of War". “Al die liedjes zijn met elkaar verbonden,” zegt Dylan in zijn fameuze MusiCares-speech, 2015, “laat je niet voor de gek houden. Ik heb alleen maar een andere deur op een ander manier geopend. Het is alleen maar hetzelfde op een andere manier verteld.”

In dat interview vijftig jaar eerder demonstreert de jonge Dylan dat ook: hij improviseert ter plekke een variant op de oorspronkelijke tekst van "Little Brown Dog", dat hij vermoedelijk in de versie van Judy Collins kent (op Golden Apples In The Sun, 1962):

I buyed me a little dog its color it was brown
Taught him to whistle to sing and dance and run
His legs they were fourteen yards long his ears they were broad
Round the world in half a day on him I could ride
Sing taddl’o day

Het lied is, in varianten en met andere titels, ook opgenomen door onder anderen Dave van Ronk, Taj Mahal en Peggy Seeger (in 1957). Dylan neemt de Van Ronkvariant op in 1970, die als "Tattle O’Day" zal verschijnen op The Bootleg Series: Another Self Portrait (2013). Die tekst is nonsensicaal genoeg. Er komt een halve kinderboerderij langs, uit een oester broedt de kip een haas uit, de haas springt over een aantrekkelijk paard, schapen die soms wol, dan weer veren leveren, maar in 1965 schakelt Dylan dus nog een tandje absurder bij, door ook nog ‘op een fles naar Turkije te vliegen’.

Het is de vrolijke onzinnigheid van nursery rhymes, van kinderliedjes, niet zozeer de ‘mystiek van oude folksongs.’ Dylans faible voor de dartele flauwekul van nursery rhymes demonstreert hij definitief op under the red sky (1990), maar veel eerder, in ’67 in de basement van de Big Pink steekt die liefde ook al de kop op. "The Mighty Quinn", "Yea! Heavy And A Bottle Of Bread", "Apple Suckling Tree"… allemaal liedjes op simpele, aanstekelijke melodietjes, met taal- en rijmplezier en vooral: met uitgelaten kolder. En in dat rijtje hoort ook de zotteklap van het montere miniatuurtje "Don’t Ya Tell Henry".

Hoewel? De stokregel apple’s got your fly en versfragmenten als a lttle chicken down on his knees ademen dezelfde dwaze anarchie als it ain’t my cup of meat en underneath that apple suckling tree, maar de meeste versregels van "Don’t Ya Tell Henry" zijn toch meer herleidbaar dan de apekool in die andere kinderrijmpjes van The Basement Tapes.
De openingsregel van elk couplet, bijvoorbeeld. I went down to… (the river, the corner, the beanery) echoot bluesklassiekers als "Crossroads" (I went down to the crossroads), oude negrospirituals als het negentiende-eeuwse "Down To The River To Pray" en een legendarische folksong als "St. James Infirmary Blues" in de jazzbewerking van Louis Armstrong uit 1927 (I went down to the St. James Infirmary).

Opmerkelijk genoeg lijkt de rest van het eerste couplet een moderne klassieker te persifleren: "A Chance Is Gonna Come", het onsterfelijke meesterwerk van Sam Cooke. Opzet lijkt moeilijk voor te stellen; dat zou grenzen aan disrespect. Maar toch: Dylans verteller gaat naar de rivier om te kijken wie er geboren is, kijkt rond en vindt een piepkuiken op z’n knieën, en roept please naar hem. Dan wordt het toch wel erg uitnodigend om Sam Cooke erbij te halen:

I was born by the river
(…)
I said mother could you help me please?
(…)
Then I looked around
and I was right back down,
down on my knees

… het zou impliceren dat Dylan de protagonist van "A Change Is Gonna Come" vergelijkt met een knielend, pasgeboren piepkuiken. Nee, dat is toch niet erg waarschijnlijk; Dylans ontzag voor zowel Sam Cooke als het monumentale lied zijn goed gedocumenteerd, met als hoogtepunt zijn bejubelde interpretatie van het lied in 2004, in het Apollo Theater in Harlem.

De overige drie coupletten geven ook geen enkele aanleiding om de tekstdichter van enige achterliggende bedoeling te verdenken. De woorden zijn in een tamelijk restrictief korset geperst en vertellen niet veel meer dan dat de verteller rond een bepaalde tijd (zaterdagochtend, om half tien, om half twaalf en gisteravond) een bepaalde plek bezoekt (de rivier, de hoek, een eetcafé en een pompstation). Hij kijkt aldaar zoekend rond en ontwaart achtereenvolgens een knielend eendje, zijn geliefde, een drietal boerderijdieren en zichzelf, en in het refrein bezweert elk van die tegenspelers hem ene Henry niet te vertellen dat de ‘appel jouw vlieg’ heeft.
De meest voor de hand liggende associatie bij de combinatie apple + fly is die met de fruitvlieg, de rhagoletis pomonella, die in het Engels apple fly wordt genoemd. Het blijft verder ongewis waarom de onbekende Henry niet op de hoogte gesteld mag worden van de aanwezigheid van dit onder entomologen populaire, schadelijke insect. Het moet een verrassing zijn, vermoedelijk.

Maar ja, fly heeft veel betekenissen. Baseball. Slagman Apple heeft de fly ball van pitcher Henry door, en dat mogen we niet verklappen. Of Apple heeft Henry’s rits uit zijn broek geknipt. Of heeft zijn favoriete kunstvlieg uit zijn viskoffer gesnaaid, wie zal het zeggen.

Legaal maakt de wereld pas in 1975 kennis met het lied, als het op de eerste officiële uitgave van The Basement Tapes verschijnt. Dat is een opgepoetste, opnieuw ingespeelde versie van het ruwe diamantje uit 1967. Levon Helm neemt nu de zang voor zijn rekening, en doet dat bijzonder goed. The Band heeft het lied dan ook al min of meer geannexeerd; het lied staat meteen op de setlist als de The Band weer begint te touren (Winterland, San Francisco in april, Fillmore East, New York in mei, en op Woodstock in augustus, bijvoorbeeld). Voor de gevoelige Helm is het een openbaring: “Het was de eerste keer in vier jaar dat we niet werden uitgejouwd” (in zijn autobiografie This Wheel’s On Fire, 1993). En ook in de daaropvolgende jaren leukt de song regelmatig de optredens op. Het is dan nog redelijk obscuur; het optreden van The Band op Woodstock zal vanwege financieel gesteggel en halfhartige artistieke bezwaren niet op de plaat verschijnen en ook op de befaamde ‘oer-bootleg’ Great White Wonder is "Don’t Ya Tell Henry" niet te vinden. Maar Levon is dol op het lied, dat hem als gegoten zit. Ondanks een in potentie traumatische ervaring, overigens:

“Mijn andere herinnering aan dat weekend is van de zaterdagavond. Ik was van de drums overgestapt op de mandoline voor "Don’t Ya Tell Henry", raakte met mijn lip de microfoon en zag een flits. Ik kreeg een elektrische schok. Het verblindde me, tranen vulden mijn ogen, mijn hele gezicht stond in brand, maar ik ging door met het lied. We hadden nieuwe apparatuur, en die was kennelijk niet goed geaard.”


De enige keer dat Dylan het lied nog eens zingt is als gast, bij het oudjaarsavondoptreden ’71 van The Band in New York, waar een relaxte Dylan tot verrukking van het verraste publiek op de bühne verschijnt om de set af te sluiten. Goedgemutst reageert de bard op geschreeuwde verzoekjes en beslist ter plekke tot – ongereperteerde, dus – opvoeringen van "Down In The Flood", "When I Paint My Masterpiece", "Don’t Ya Tell Henry"en als uitsmijter "Like A Rolling Stone".
Henry blijft in decennia erna toch een lijntje tussen Dylan en The Band, vertelt Levon in zijn boek. In 1983 doen Helm en Richard Manuel met z’n tweetjes een akoestische tournee langs clubs en universiteiten.

Dylan vinden waar hij niet of nauwelijks is #83


Uit de serie La Treve (te zien op Canvas)
[met dank aan Dirk]

Dylan vinden waar hij niet of nauwelijks is #82

Vanmorgen (18 mei) bezocht ik in een naburig dorp een garageverkoop dag. Een van de deelnemers, een royale 70+ er, had wat spulletjes ter verkoop op zijn oprit geplaatst. De garage zelf stond nogal propvol met o.a. een aantal oldtimers, waarvan het opknappen zijn hobby bleek te zijn. Wat daar stond was niet te koop, maar ik mocht er wel even een kijkje nemen als ik daar interesse in had. En ja hoor, achter de auto's, opgepropt tegen de wand stond vrijwel onbereikbaar ook nog een oude piano, met de klep open. Op die piano, je raadt het al, een boek met op de linkerpagina, prominent in beeld, een portret van Dylan en op de rechterpagina de bladmuziek en tekst van "Blowin' In The Wind". Met de nodige moeite wist ik ook de andere kant van de piano te bereiken om een foto van de cover van het boek te maken. Het was een afgeschreven bibliotheek exemplaar van een schoolboek Eerste Klas Muziek van Toon Verbeek. Zo zie je maar weer eens, Dylan is overal; hij is zelfs te 'vinden waar hij niet of nauwelijks is' - zoals je dat zelf zo mooi definieerde.

groeten,
Hans

P.S. Ik googlede op de titel en een 'boekwinkeltjes' aanbieder houdt het op '1984'. Toch ook alweer 35 jaar geleden.



W. Isaacson - iSteve


[met dank aan Hennie]

Dylan vinden waar hij niet of nauwelijks is #81

Tom,
Sinds 2003 bezoek ik regelmatig boekhandel Feltrinelli op het station van Napels.
In dat jaar was het voor mij absoluut ‘Dylan waar je’m niet verwacht’.
Inmiddels is het tegenovergestelde een feit, hoewel ik dat wel elke keer even check...

Groet,
Willem

There must be some way out of here

Een van de stukken in het boek De school van zee (2001) van Huub Beurskens draagt de titel "There must be some way out of here". In de veronderstelling dat dit stuk over Bob Dylan zou gaan, kocht ik het boek.
"There must be some way out of here" gaat niet over Bob Dylan. Het stuk bevat een interview dat Huub Beurskens had met de componist Jacob ter Veldhuis. Een interessant interview, moet ik zeggen, maar waarom dan die Dylaneske titel boven het stuk? Het antwoord is simpel: Ter Veldhuis schreef een stuk voor strijkkwartet met de titel "There must be some way out of here".
In het interview komt Dylan een aantal malen voorbij. Ter Veldhuis: "wat Mick Jagger nu al bijna een klein mensenleven doet, dat volkomen laten samenvallen van muziek en emotionaliteit, dus van muziek en concrete, optimale uitvoering, dat wat, om nog een ander bekend voorbeeld te geven, Bob Dylan in zijn beste jaren deed, dat is voor mij als toondichter een grote uitdaging."
En: "Je kunt het paradijselijke of positieve mijns inziens niet vanuit een doorwrochte muziektheorie hoorbaar maken. Helderheid, eenvoud en originaliteit zijn voor mij de uitgangspunten. Ik componeer met mijn oren, vooral heel intuïtief, en dat is, vreemd genoeg, tegenwoordig nogal uitzonderlijk. Maar het is mijn poging om 'eruit' te komen, uit het afgegrendelde en bewaakte bolwerk van avant-garde en conceptualisme. Of om het in de woorden van Bob Dylan te zeggen: 'There must be some way out of here, said the joker to the thief. There's too much confusion, I can get no relief...' En dat dan weer zonder terug te vallen op een romantisch idioom."

Nieuwsgierig geworden naar "There must be some way out of here", het stuk voor strijkkwartet van Jacob van Veldhuis? Luisteren kan hier.

53 jaar

53 jaar terug in de tijd. Bob Dylan staat ergens in Engeland op een podium. Hij is al voor alles en nog wat uitgemaakt door een publiek dat iets anders van hem verwacht dan hij te bieden heeft. Tot nu toe valt het wel mee wat hij naar zijn hoofd geslingerd krijgt. Morgen komt daar verandering in. Morgen gaat er eentje te ver. Hoe reageer je daar op?




PLAY FUCKIN' LOUD...







oproep

Charles Beterams en ik hebben jullie hulp nodig. Charles werkt aan een boek over bootlegs van Nederlandse bodem en ik werk aan een boek over Bob Dylan in Nederland. De boeken hebben raakvlakken en dus zitten we soms met dezelfde vragen.
We zijn op zoek naar informatie over de bootleg Little White Wonder. Het gaat om de versie met de hoes met de grote, zwarte letters. Dus niet de versies van Little White Wonder met de Pontiac-hoes of de vogels- of oog-hoes. Het gaat uitsluitend om de plaat met de rechts afgebeelde hoes. Ik kan me niet voorstellen dat er veel Dylanliefhebbers zijn die die plaat niet in hun bezit hebben of in ieder geval in hun bezit hebben gehad.
Mocht je de plaat hebben of hebben gehad, zou je dan via e-mail onderstaande vragen willen beantwoorden? Ook als je op slechts een deel van de vragen antwoord kan geven is je e-mail meer dan welkom.

1. Hieronder staan twee varianten van het label van de plaat. Welk labels heeft jouw plaat, Empire- of Peace-labels?
2. Wanneer heb je de plaat gekocht?
3. Waar heb je de plaat gekocht?

Antwoorden kunnen naar: twillems87[at]gmail.com
Ik zorg dat de antwoorden ook bij Charles terecht komen. Bij voorbaat dank!



Dont Look Back

Ik zag Dont Look Back - de film over Bob Dylans tournee door Engeland in 1965 - voor het eerst ergens begin jaren negentig, denk ik. Dont Look Back werd op de tv uitgezonden en ik nam de uitzending op. Niet heel lang na die uitzending kwam ik bij Free Record Shop zo'n 20 kilometer van huis Dont Look Back op koopvideo tegen. Ik leende geld van mijn moeder om die te kunnen kopen. Die koopvideo is tot 2000 de manier geweest om Dont Look Back te bekijken. Begin 2000 verscheen de film op dvd. Deze Docurama-dvd bevat, naast de film, een aantal extra's, zoals audiocommentaar van D.A. Pennebaker en Bob Neuwirth, een alternatieve versie van de - bij gebrek aan een betere benaming - "Subterranean Homesick Blues"-clip, de trailer en audiotracks van vijf songs opgenomen tijdens de tour door Engeland in 1965.
Nog weer een paar jaar later, in 2007, verscheen een luxe editie van Dont Look Back. In een dikke, kartonnen hoes schuilen het boek van de film, een flipboekje van de "Subterranean Homesick Blues"-clip en twee dvd's. Niet alleen krijgt de koper van deze luxe editie Dont Look Back, maar ook een nieuwe film - 65 Revisited - vol niet eerder vertoonde beelden van de 1965-tour. Dit is de ultieme versie van Dont Look Back.
Eind 2015 bracht Criterion in Amerika nogmaals Dont Look Back uit, op blu-ray. Uit de aandacht op verschillende websites e.d. voor deze uitgave begreep ik dat het enige extraatje bij deze versie een kort filmpje was van een dansende Allen Ginsberg. Leuk natuurlijk, maar leuk genoeg om de ultieme versie te vervangen? Bovendien stond dat filmpje al snel online en zit je bij een Amerikaanse schijf altijd met de regio-code. Zo'n schijf speelt niet op een Hollandse speler.
Ik vergat die Criterion-uitgave al snel, zeker toen er ook een blu-ray versie van die ultieme versie op de markt kwam. Dat in oktober 2016 Criterion deze blu-ray versie ook in Engeland uitbracht - en dus in regiocode 2 - moet langs me heen gegaan zijn.
Ik vergat de Citerion-editie van Dont Look Back.

Tijdens het doen van research voor mijn boek Dylan & de Beats las ik ergens dat er een filmfragment moet zijn van Bob Dylan die uitlegt hoe William Buroughs' cut-up-techniek werkt. Dat fragment zou moeten staan - zo begreep ik - op de Criterion-editie van Dont Look Back.
Een vriendelijke Amerikaanse Dylan- & Beatliefhebber schoof Dont Look Back in speler, filmde met zijn telefoon gericht op zijn televisie het bewuste fragment en stuurde dit filmpje naar mij op. Ik kon weer verder met schrijven, ik hoefde de Criterion-editie van Dont Look Back niet te kopen.
Ongeveer rond diezelfde tijd dook er een andere Dont Look Back-outtake op internet op. In dit fragment praten eerst Joan Baez en later ook Bob Dylan met de leden van een groot gezin dat toevallig hun bus op dezelfde plek heeft geparkeerd als waar de auto van Dylan en entourage staat.
Vanaf dat moment begon het wat te kriebelen, maar nog niet heel erg.
Bovendien, waar haal je in Nederland een Criterion-editie van Dont Look Back vandaan? Nederlandse winkels - online of niet - verkopen de dvd niet.
Ik heb hard gezocht naar die Criterion-editie? Nee. Waarom zou ik? De ultieme editie van Dont Look Back stond al in de kast.

Anderhalve week geleden stuitte ik tot mijn stomme verbazing in een platenzaak op de Criterion-editie van Dont Look Back. Het is dat de schijf in de aanbieding was, anders had ik 'm mogelijk niet gekocht. Ik had immers al de... Enfin, je weet het.
Kon ik, met mijn liefde voor zowel de muziek van Bob Dylan als de werken van de Beat Generation, de blu-ray laten liggen met als extraatje enkele seconden door Bob Dylan geschoten film van een dansende Allen Ginsberg? Of wat te denken van de paar seconden film waarin Bob Dylan de cut-up-techniek uitlegt? Ik vond na lang twijfelen van niet. En dus kocht ik de blu-ray.

Wat ik verwachtte te zien bij het in de speler schuiven van die ene schijf van de Criterion-editie was een menu met de mogelijkheid om de film Dont Look Back of een van de drie outtakes af te spelen: dansende Ginsberg, cut-up-uitleggende Dylan en met reizigers pratende Dylan en Baez. Ik had er niet meer naast kunnen zitten.
De Citerion-editie van Dont Look Back bevat, naast de film, alle outtakes en extra's van de ultieme versie van Dont Look Back. Het audiocommentaar, de 5 songs, de alternatieve versie van de "Subterranean Homesick Blues"-clip (in veel betere beeldkwaliteit), 65 Revisited, het staat er allemaal op. En dat op één schijfje.
Daar blijft het niet bij. De schijf bevat ook nog vele nieuwe extra's, zoals een interviewfragment met Bob Dylan (alleen audio) uit 2000, een gefilmd gesprek tussen Greil Marcus en D.A. Pennebaker, de (korte) films It Started With Music, Daybreak Express, Baby en Lambert & Co. [1] van D.A. Pennebaker, een film met interviews met Bob Neuwirth en D.A. Pennebaker, een interview met Patti Smith en iets dat heet Snapshots From The Tour.
Het is met name dit Snapshots From The Tour dat er voor zorgt dat deze Criterion-editie veruit de meest begerenswaardige versie van Dont Look Back is.

Snapshots From The Tour is een nieuwe, korte film volledig bestaand uit outtakes van Dont Look Back. In de 26 minuten die Snapshots From The Tour duurt krijgt de kijker de volgende scènes voorgeschoteld:
- Bob Dylan en entourage in het vliegtuig onderweg naar Engeland
- Bob Dylan wordt gefotografeerd, een typemachine in zijn handen (zie hier)
- interview met Bob Dylan over zijn boek (het cut-up-fragment)
- lol trappen in een hotelkamer
- interview met Albert Grossman
- "Mr. Tambourine Man" (fragment)
- tankstation, rondtrekkend gezin praat met Dylan en Baez
- Joan Baez en Marianne Faithfull zingen "As Tears Go By", Dylan schrijft
- Alan Price, Albert Grossman, Tom Wilson en Bob Dylan praten over muziek
- Bob Dylan en Joan Baez zingen achtereenvolgens "More And More", "Blues Stay Away From Me" en "Young But Daily Growing"
- terwijl Dylan typt, studeren Ben Carruthers en Benny Kearn het aan een Dylan-hoestekst ontleende "Jack O'Diamond" in
- Bob Dylan speelt "Slow Down" op piano, backstage

Valt jouw mond ook open? Die van mij wel. Die viel open toen ik Snapshots From The Tour zag en die valt nu weer op nu ik die lijst zie.
Ik bedoel: Dylan die de tekst van "Jack O'Diamonds" tikt zodat 'ie zingbaar wordt terwijl Ben Carruthers probeert om de tekst op de muziek te krijgen. Bob Dylan die niet 1, niet 2, maar 3 songs speelt, waaronder "Blues Stay Away From Me", een song die hij later met Doug Sahm opneemt, en "Young But Daily Growing" wat hij tijdens The Basement Tapes-dagen weer oppakt.
De oorsprong van die maffe foto van een typemachine knuffelende Bob Dylan. Dat was niet Dylans idee, maar van de fotograaf, zo blijkt uit Snapshots From The Tour.
Of wat te denken van Dylans uitleg van de cut-up?
"Mr. Tambourine Man", live!
Ik heb sinds de aanschaf van deze schijf twee keer gekeken naar Snapshots From The Tour en ik ben nog lang niet uitgekeken.

Snapshots From The Tour biedt een behoorlijke hoeveelheid niet eerder geziene outtakes van Dont Look Back, maar gek genoeg niet de beelden van de dansende Allen Ginsberg die mij vlak na het verschijnen van deze Criterion-editie beloofd zijn...
Die door Bob Dylan geschoten beelden zijn te zien in het hoofdmenu van de blu-ray. Terwijl de kijker nadenkt over wat hij van de schijf wil kijken, hoort hij een live-versie van "She Belongs To Me" en ziet hij op de achtergrond nog bijna drie minuten aan outtakes. In deze korte menu-film is naast de dansende Ginsberg onder andere het volgende te zien: Ginsberg die de wandelstok die hij in de "Subterranean Homesick Blues"-clip bij zich heeft krijgt, Bob Dylan op het podium en beelden van hotelkamers en van de vele reizen door Engeland.
En zelfs dat is nog niet alles.
Zoals ik eerder schreef bestaat het Dylan-interview uit 2000 uit uitsluitend audio. Bij deze geluidsopname (3:56) zijn beelden uit Dont Look Back, 65 Revisited, Snapshots From The Tour en enkele outtakes te zien.
Het gaat - als ik me niet vergis - om twee outtakes:
- Bob Dylan die zich rechtstreeks tot de camera richt en vraagt om een sigaret
- D.A. Pennebaker die onderuitgezakt op een bank hangt, de camera draait vervolgens door de hotelkamer, langs andere aanwezigen, tot de cameraman de camera op zichzelf richt: Bob Dylan.[2]

Het is ruim vijfentwintig jaar geleden dat ik Dont Look Back voor het eerst zag. In die tijd zijn er rond de film steeds meer extra's, steeds meer outakes uitgebracht. Na het verschijnen van 65 Revisited dacht ik dat dat het wel was met betrekking tot de officiële uitgave van Dont Look Back-outtakes, maar met het verschijnen van de Criterion-editie - al weer enkele jaren geleden - van Dont Look Back is daar nog zo'n half uur (!) aan nieuw beeldmateriaal bijgekomen.
De Criterion-editie is veruit de meest begerenswaardige versie van Dont Look Back die er tot u toe verschenen is. Het wordt hoog tijd dat er een Criterion-versie van de film voor de Nederlandse markt komt, met Nederlandse ondertiteling makkelijk te verkrijgen in de platenzaak om de hoek.


[1] Deze film gaat niet over de tekenaar Lambert die Dylans portret tekende (zie bijvoorbeeld de hoes van de Nederlandse persing van de single "Just Like A Woman"), maar de jazz-musicus Dave Lambert.
[2] Bob Dylan is, naast de bedenker van folk-rock, naast de man die literatuur de muziek in de bracht, de man die rock 'n roll hersens gaf, de uitvinder van de selfie....



Dylan kort #1253

Setlists: 4 mei, 5 mei, 7 mei.
Afbeelding: de afbeelding is een lino van Huub Diederen. [met dank aan Huub]
Record Store Day: onderstaand bericht is afkomstig uit Algemeen Dagblad van 13 april. [met dank aan Herman]
Met Groenteman in de kast (3 mei 2019) met Frank Boeijen. In deze aflevering komt Bob Dylan enkele malen voorbij, luister hier. [met dank aan Herman]
Pulp: zie de derde boekomslag, zie hier. [met dank aan Jan Pieter]
Her Majesty speelt o.a. Dylan, zie hier. [met dank aan Bert]
We Want More - Popcultuur in Groningen is een boek uit 2016. Je zou verwachten dat in dit boek iets zou staan over Dylans optreden in Groningen in 1995. Niet dus. Bob Dylan is alleen in e inleiding te vinden: "Tijden veranderen, zoals Bob Dylan, de kersverse Nobelprijswinnaar voor de literatuur, al zong". [met dank aan Hans]
Lee Bains III, interview in Dagblad van het Noorden (9 mei): "(...) rock heft ook alles met rebellie te maken. Dat is juist een van de dingen die mij erin aantrekt. Daarom heb ik ook altijd meer affiniteit gevoeld met de muziek van The Clash en Bob Marley dan met die van Bob Dylan. Zijn teksten waren dan wel betekenisvol, maar zijn muziek is voor mij nooit confronterend genoeg." [met dank aan Hans]
De Nieuws BV: interview met Daniel Loheus, uitzending 10 mei tussen 12.00 en 13.30. In dit gesprek gaat het kort over Bob Dylan (rond 44 minuten), luister hier. [met dank aan Hans]
de Volkskrant (online 10 mei, papieren versie 11 mei), Arjan Peters schrijft: "[Maria Gaínza:]‘Mocht ik praten als een romanheldin, heb geduld met me, ik vind mijn stem nog wel’, sust de verteller terloops, en ook dat is een vingerwijzing dat hier een spel wordt gespeeld, want het is een roman waarin deze uitspraak staat. En als ze later een catalogus gaat opstellen met spullen uit de nalatenschap van Mariette Lydis: ‘Ik ging zeer zorgvuldig te werk, want als je buiten de wet leeft, moet je eerlijk zijn. Dat zei Bob Dylan in een van zijn nummers, en hij had het gejat van Don Siegels film The Lineup. Het is waar; de hele mensheid is één boekwerk, waaruit je met behulp van een schaar en een potje lijm je eigen verslag in elkaar kunt zetten.’ Dus die wijsheid van Dylan, uit het nummer ‘Absolutely Sweet Marie’, van het klassieke album Blonde on Blonde (1966), is niet oorspronkelijk? Het is denkbaar, Jan Cremer heeft de hasjrokende bard in diezelfde periode in het Chelsea Hotel zien zitten pielen met een rijmwoordenboek als er een protestsong moest komen (Ik Jan Cremer 3, 2008), en diezelfde Dylan knutselde immers eind 2017 nog een dankwoord van dubieus allooi bij elkaar toen hij tot zijn schrik de Nobelprijs voor Literatuur toegekend had gekregen." [met dank aan Dirk]
Dit is toch wel pijnlijk....
Pijnlijk dat een intelligent man als Arjan Peters een dikke-duim-boek als Ik Jan Cremer 3 voor feitelijk correct aanziet....
Pijnlijk dat Maria Gaínza Dylan hekelt vanwege het lenen van een regel uit de film The Lineup terwijl de gedachte, de ontdekking dàt Dylan (mogelijk) een regel uit The Lineup heeft geleend niet afkomstig is van Maria Gaíza zelf, maar van Jonathan Lethem.... (zie hier)
Pijnlijk dat de redactie van een kwaliteitskrant als de Volkskrant dit klakkeloos plaatst....
VPRO Gids van 27 april over Oh My God van Kevin Morby: "Zij eigen muziek klinkt degelijk, tijdloos. Net zo tijdloos als het werk van Lou Reed, Bob Dylan en Nina Simone. (...) het geluid dat hij voor het album koos, hint naar gospel, zoals zijn helden Bob Dylan, Leonard Cohen en Nina Simone dat ook zo mooi kunnen." [met dank aan Alja]
Theo van den Boogaard: op 11 mei werd in Noord-Nederlands Trein & Tram Museum in Zuidbroek de postzegel met daarop Sjef van Oekel gepresenteerd onder (helaas) geringe belangstelling. Theo van den Boogaard, tekenaar van Sjef van Oekel, signeerde alle 100 postzegelvelletjes die er gedrukt zijn. Daarnaast speelde hij, met pianist Wim Veenhof voor de presentatie "I'll Be Your Baby Tonight", "When The Ship Comes In" en "It Takes A Lot To Laugh, It Takes A Train To Cry". Na de presentatie van de postzegel en een korte pauze speelde hij "Simple Twist Of Fate", "Don't Think Twice, It's All Right" en de eigen compositie"Four Winters In A Row". Bij het spelen van de songs werden tekeningen van Van den Boogaard geprojecteerd. [met dank aan Hans]
Voor de aankondiging, zie hier.
Voor het boek Bob Dylan Illustrated van Theo Bogart (= Theo van den Boogaard), zie hier.
Theo van den Boogaard liet mij niet lang na het verschijnen van Bob Dylan Illustrated weten met plannen rond te lopen voor een tweede boek rond Dylan. Tot op heden is dat boek helaas nog niet verschenen.
Annelies Rom over een optreden van Kate Tempest: "Kate Tempest wordt nogal eens vergeleken met Bob Dylan, en na deze performance geven we die mensen honderd procent gelijk. Als Dylan een Nobelprijs kan winnen, dan mogen we Tempest stilaan in zijn nabije schaduw gaan plaatsen.", zie hier. (Toevallig vorige week een boek van Tempest gekocht, ik moet 't nog lezen, maar uit de aantekeningen achterin het boek blijkt dat Dylans "My Back Pages" er in te vinden is. In de twee boeken van Tempest die ik eerder las, kwam ik Dylan niet tegen.)
The Band: een nieuwe documentaire is in de maak, zie hier.
Renegade Dreamers is een film over politiek activisme, toen en nu. In deze film komt Bob Dylan (archiefbeeld) voorbij. Voor meer informatie en de trailer, zie hier.
A.D. Winans: In het gedicht "Going To Make Poetry An Institution" - vrijdag online gepubliceerd - schrijft A.D. Winans:

Going to hang religion from a tree
Make John Brown the new National Anthem
Turn outlaws into in-laws
Landlords into donors

En ik blijf maar denken: is het Dylans "John Brown" wat volgens Winans tot volkslied moet worden verheven? (zie hier)
schrijfplannen: Zoals een iedere regelmatige bezoeker van deze blog weet werk ik op dit moment aan (het eerste deel van) het boek over Bob Dylan in Nederland. Ik ben daar nog wel even mee bezig. Dat stopt mij niet om langzaam maar zeker, voorzichtig ook alvast wat aantekeningen voor een nieuw project te maken: een boek over Bringing It All Back Home, Bob Dylans vijfde album, een album dat een eigen boek verdient.
Werktitel: Briging It All Back Home; Bob Dylans vijfde symfonie.



aantekening #7065

Het ene moment ben je er nog hard naar op zoek, het andere moment heb je er twee: Self Portrait met Edison-sticker.
Self Portrait werd in 1970 nogal negatief besproken in de vaderlandse muziekkranten en dagbladen. Die slechte reputatie heeft dit album eigenlijk altijd wel behouden, hoewel daar met het verschijnen van Another Self Portrait in 2013 wel wat verandering in is gekomen.
Hoeveel Dylan-liefhebbers keken raar op toen ze hoorden dat uitgerekend Self Portrait een Edison kreeg?
Het is goed dat mensen na het verschijnen van Another Self Portrait met nieuwe oren zijn gaan luisteren naar Self Portrait. 
Self Portrait was overigens niet het eerst album van Bob Dylan dat volgens de Edison-jury de prijs verdient. In 1966 kreeg Highway 61 Revisited een Edison toegekend. Echter, omdat een jurylid de namen van de prijswinnaars ruim voor de uitreiking verkocht aan een journalist, werd besloten om in 1966 helemaal geen Edisons uit te reiken. Is het beeldje in 1966 alsnog naar Bob Dylan gestuurd of staat het nog ergens opgeslagen in een of andere kast van de Edison-organisatie?

~ * ~ * ~ * ~

Ik heb niet de illusie uniek te zijn. Dit is jou ongetwijfeld ook vaak overkomen. 
Er zijn songs - vele songs - die ik van voor naar achter kan dromen, die ik honderden keren gehoord heb en van binnen en buiten ken. En toch kan het gebeuren dat ineens bij zo'n song de oren iets oppikken wat nooit eerder opgepikt werd, althans eerder niet op dezelfde manier werd opgepikt. Dat kan een frasering zijn, een instrument dat net even er uit springt, een tekstregel.
Gisteren was het weer zo ver, tijdens het luisteren naar "A Hard Rain's A-Gonna Fall" pikten mijn oren ineens een regel er uit en tilde 'm boven alle andere regels uit: 

Heard the song of a poet who died in the gutter

Waarom deze regel? Waarom uitgerekend nu? Ik heb geen idee. 
Het blijft naar door mijn hoofd spoken. Had Dylan een bepaalde dichter voor ogen toen hij deze regel schreef? En doet dat er eigenlijk wel toe?

~ * ~ * ~ * ~

Wie denkt  - na aanleiding van bovenstaande - dat ik deze zondagochtend ben begonnen met Self Portrait of The Freewheelin' Bob Dylan, moet ik teleurstellen. Het was eerst Bringing It All Back Home en nu Blood On The Tracks wat deze zondagochtend door huize Willems schalt. 
Dat is verder niet belangrijk, het verklaart alleen waarom onderstaande regels door mijn hoofd tollen.

You’ll never know the hurt I suffered nor the pain I rise above
And I’ll never know the same about you, your holiness or your kind of love
And it makes me feel so sorry

En als Dylan het zingt, geloof ik het ook. Voel ik het. De woede, de pijn. Het is dat kunnen voelen waarom ik naar Dylan luister.

Dylan vinden waar hij niet of nauwelijks is #80



The Mother-In-Law Lounge in New Orleans.

[met dank aan Horst en Hans]

Volkskrant 3 mei


[met dank aan Herman en Hans]

Dylan vinden waar hij niet of nauwelijks is #79


[met dank aan Bert]

The Comic Book and Me #67

Well, the comic book and me, just us, we caught the bus
The poor little chauffeur, though, she was back in bed
On the very next day, with a nose full of pus
Yea! Heavy and a bottle of bread
Bob Dylan - "Yea! Heavy And A Bottle Of Bread"

Wederom een boek van Cosey: Reis naar Italië deel 1.


boeken

Het is geen geheim: ik heb niet alleen een zwak voor Dylans muziek, maar ook een zwak voor boeken en dan helemaal voor boeken waar Bob Dylan in te vinden is. Naast mij ligt weer een stapeltje boeken (en twee literaire tijdschriften) waar Bob Dylan in te vinden is - klaar om op te ruimen.

De catalogus Paintings 1983 - 2003 van Peter Keizer bevat naast tientallen afbeeldingen van schilderijen en een door Helga-Geyer-Ryan geschreven inleiding (in het Engels en het Nederlands) en, helemaal voorin het boek, een citaat van Bob Dylan in een groot lettertype over twee bladzijden:

The empty-handed painter from your streets
Is drawing crazy patters on your sheets.

~ * ~ * ~ * ~

In het essay "Anti-Americana" van Karel Glastra van Loon - opgenomen in Optima nummer 3, 2002 - lees ik: "Ik kocht deze typisch Amerikaanse family-car [Mercury Marquis-stationwagon] in het voorjaar van 1998 voor 1900 dollar van een handelaar in tweedehands auto's in Hastings Minnesota, op steenworp afstand van Highway 61 - jawel, dezelfde die Bob Dylan ooit bezong in zijn klassieker 'Highway 61 Revisited'. Dylan is van Hinley, Minnesota, niet ver van Duluth. Wie van Hastings naar Duluth wil rijden, volgt Highway 61 naar het noorden, zoals Dylan ooit, gewapend met gitaar en mondharmonica, over Highway 61 naar het Zuiden moet zijn gereden om eerst Amerika en daarna de wereld te veroveren."

Hoe vaak ik dit stukje ook lees, ik blijf struikelen over die ene zin: "Dylan is van Hinley, Minnesota". Heb ik iets gemist?

~ * ~ * ~ * ~

Alja tipte mij een tijdje geleden over het boek De Dikke van Offerman van Ronald M. Offerman. In deze dichtbundel - zo begreep ik van Alja - staan twee gedichten waarin Bob Dylan is te vinden. Een van die gedichten heet "Daar ligt ze weer".

Daar ligt ze weer

Vanuit de caravan kan ik zien
Hoe je op het strand ligt
In die felle zon waar ik niet om geef
Natuurlijk met je tieten bloot
Want die moeten zo nodig ook bruin worden
Niet dat ze niet mooi zijn of zo

Nee, dat is het niet, maar het stoort me
Zoals alles stoort, de laatste tijd,
Time is an ocean but it ends at the shore
You may not see me tomorrow
Zingt Bob uit mijn cassettedeck
Ik veeg wat zand van tafel

Misschien moet ik de keukenkastjes
Maar weer eens een kwastje geven

Het andere gedicht draagt de titel "Romance in Durango". Wat opvalt is dat beide gedichten verwijzen naar songs van het album Desire. Met dat in mijn achterhoofd las ik in het gedicht "De zee" verwijzingen naar Bob Dylans "Sara" van - wederom - Desire. Dat er iets van Dylans "Sara" in Offermans "De zee" is doorgesijpeld heb ik goed gelezen, zo bevestigde de schrijver.

Meer over Ronald M. Offerman en zijn poëzie is te vinden op zijn Facebookpagina en op zijn website: 

~ * ~ * ~ * ~

Het verhaal "Reis door mijn kamer" van Jonathan van het Reve - te vinden in het boek Groeipijn - bevat de buiten de context wat cryptische regel "op een gegeven moment maakt Dennis Bergkamp plaats voor Bob Dylan."

~ * ~ * ~ * ~

In het vuistdikke The Outlaw Bible Of American Poetry staat werk van vele dichters die ik graag lees. Denk hierbij aan Lawrence Ferlinghetti, Bob Kaufman, Jack Micheline, Jack Kerouac, enzovoort. Wat een bloemlezing als dit nog leuker maakt, is dat de lezer werk ontdekt van schrijvers waar hij / zij nooit eerder van gehoord heeft.
Bob Dylan is een aantal malen in dit boek te vinden, bijvoorbeeld in de inleiding en in een bijdrage van Allen Ginsberg en Gregory Corso.
Het meest interessant is dat samensteller Alan Kaufman een songtekst van Bob Dylan in The Outlaw Bible Of American Poetry heeft opgenomen. Je zou misschien verwachten dat Alan Kaufman voor een 'open deur' als "Blowin' In The Wind", "Like A Rolling Stone" of "Knockin' On Heaven's Door" heeft gekozen. Dat heeft hij dus niet gedaan. In The Outlaw Bible Of American Poetry staat de tekst van "Wanted Man", een nummer dat Bob Dylan zelf nooit heeft opgenomen.

~ * ~* ~ * ~

Het meest recente nummer van het literaire tijdschrift Op ruwe planken (18.1 van november 2018) bevat het korte verhaal "De neef van Bob Dylan" van Rudie Verbunt. Meer over Op ruwe planken staat hier.

~ * ~ * ~ * ~

One More Cup Of Coffee (Valley Below) - Seacrest Motel Rehearsal

The Rolling Thunder Revue: The 1975 Live Recordings promo

Dylan kort #1252

Vandaag is de dag van de inhaalslag. Hieronder staan zes eerder vandaag geplaatste berichten en dit bericht zal - waarschijnlijk - niet het laatste nieuwe bericht van vandaag op de blog zijn. 
In de kolom rechts staat sinds vandaag een agenda. ik ga in de komende tijd kijken of dit een zinvolle aanvulling op de blog is. Mocht je data hebben voor deze agenda hebben, laat maar weten (twillems87[at]gmail.com)

Setlists: 25 april, 26 april, 28 april, 29 april, 1 mei, 3 mei.
Hotpress: "The Full Bob Dylan Cover Story from the Hot Press Annual 2019", zie hier. [met dank aan Frans]
recensies: Pat Garrett & Billy The Kid (vinyl), zie hier.
Street-Legal (vinyl), zie hier.
Planet Waves (vinyl), zie hier.
Variety: "Martin Scorsese’s ‘Rolling Thunder’ Bob Dylan Doc Hits Netflix June 12 (EXCLUSIVE)", zie hier. [met dank aan Rob en Sjon]
Rolling Thunder Revue: zie hier, hier, hier.
de prijs van de nieuwe box wisselt nogal per aanbieder, zoals altijd. De goedkoopste is op dit moment Amazon Frankrijk (59,99 euro), zie hier. [met dank aan Gerbrand]
de Volkskrant van 27 april heeft een stuk over de muzieksmaak van acteur Kiefer Sutherland (zie afbeelding). Wat een beetje jammer is, is dat Nashville Skyline niet uit 1971 is, maar uit 1969. (zie ook hier) [met dank aan Herman en Hans]
OVT: In de uitzending van 28 april,  in het programma-onderdeel
'Het Spoor Terug' een item over de Tilburgse Karl Marx Universiteit - tussen 11:25 en 12:00 uur - is Bob Dylans "The Times They Are A-Changin'" een aantal malen te horen: het origineel, hetzelfde nummer op viool en in de uitvoering van Boudewijn de Groot, luister hier. [met dank aan Hans]
Wyclef Jean: in de videoclip bij het nummer "Gone 'Till November" van Jean figureert Bob Dylan (zie hier). Tijdens een tiny desk concert speelt Wyclef Jean en dit nummer en heeft hij het kort over de videoclip, zie hier. [met dank aan Marnix]
Beat Generation: afgelopen maandag (29 april) was op NPO 2 Extra en zeer aardige documentaire over The Beat Generation te zien. De documentaire concentreert zich met name op de 3 bekendste beats: Allen Ginsberg, Jack Kerouac en William Burroughs. In de documentaire zit een kort fragment van de openingsscène van Dont Look Back. (zie hier) Helaas kan de documentaire niet meer via uitzending gemist o.i.d. bekeken worden, maar het loont de moeite om in de gaten te houden of in de toekomst de film nogmaals wordt uitgezonden. [met dank aan Hennie]
"Every Grain Of Sand", zie hier.
"Sterren die schilderen (#4): Bob Dylan)", zie hier.

One More Cup Of Coffee - door Jochen Markhorst


One More Cup Of Coffee (1976)

Desire is een sleutelwoord in Bizets meesterwerk, de opera Carmen (1875). De ongelukkige Don José doorstaat de schande en de ongemakken van de gevangenis dankzij de bloem die Carmen hem had toegeworpen, droog en verdord in zijn borstzakje, en als hij eraan ruikt voelt hij maar één verlangen,

je ne sentais qu'un seul désir,
un seul désir, un seul espoir:
te revoir, ô Carmen, oui, te revoir !


… één enkel verlangen, en hij kan slechts hopen dat hij Carmen zal weerzien. De afloop is bekend. Nadat Carmen hem definitief heeft afgedankt, steekt de radeloze José haar overhoop om daarna snikkend over haar levenloze lichaam heen te vallen.

De figuur van Carmen heeft zo te zien model gestaan voor de aanbedene in “One More Cup Of Coffee”. De verteller bezingt een eveneens ontrouwe, hardvochtige, hedonistische zigeunerin die net als Carmen aan waarzeggerij en toekomstvoorspellingen doet, mooi kan zingen en een zwart hart heeft.
Voor de beschrijving van haar schoonheid heeft de dichter Dylan zich echter niet door Bizet, maar kennelijk door Salomo laten inspireren, door het Hooglied. Ingestoken wordt het lied, net als bijvoorbeeld “Sad Eyed Lady Of The Lowlands”, als een middeleeuws blazoen, de dichtvorm waarin de dichter net als Salomo in het Hooglied, systematisch de uiterlijke kenmerken van de aanbedene afvinkt – in ronkende metaforen, uiteraard.
Vorm en ritme kopieert de dichter tamelijk precies; loftuitingen als
thy thighs are like jewels,
en
thy belly is like a heap of wheat,
of
thine head upon thee is like Carmel, and the hair of thine like purple
… zijn allemaal tamelijk moeiteloos inwisselbaar voor die verliefde vleierij in Dylans eerste couplet:

Your breath is sweet
Your eyes are like two jewels in the sky
Your back is straight and your hair is smooth

… maar inhoudelijk blijkt dat de trends wel veranderd zijn, in de loop van drieduizend jaar. Salomo vindt het kennelijk reuze complimenteus om het kapsel van zijn geliefde met ‘een kudde geiten’ te vergelijken en haar ogen met de ‘visvijvers te Hesbon’, bijvoorbeeld. The times they are a-changin’, inderdaad.

Door het Hooglied bladerend zijn er wel meer hints te vinden dat dit Bijbelboek onder Dylans huid zit. ‘I am sick of love’ staat daar letterlijk (5:6), dat we precies zo terughoren in “Love Sick”, een echo van 8:5 cometh up from the wilderness klinkt in “Shelter From The Storm”, de rose of Sharon in “Caribbean Wind” en voor  “Someone’s Got A Hold Of My Heart”  plukt Dylan een identieke lily among the thorns uit Hooglied 2:2.
Maar na die eerste vier regels met Hoogliedachtig gefleem neemt de dichter Dylan een ander afslag dan Salomo, en begint hij de exotische schone af te kammen: bij alle uiterlijke schoonheid is ze wel een liefdeloos, ondankbaar creatuur.

De inspiratiebron voor de rest van de tekst verklapt Dylan tijdens de concerten tussen 14 november en 16 december 1978 en tevens in interviews (met Paul Zollo, SongTalk, 1991, met Shelton in ’78, Jonathan Cott in ’77 en in Australië met Karen Hughes in ’78).
De kern is een bezoekje aan een zigeunerkoning in Zuid-Frankrijk. Dat verhaal vertelt Dylan tweeëntwintig keer op de bühne en lijkt weliswaar nogal geromantiseerd, maar in de kern zal het wel historisch correct zijn. In Saintes-Maries-de-la-Mer vindt jaarlijks een religieus pelgrimsfeest voor zigeuners plaats, dat Dylan op zijn vierendertigste verjaardag heeft bezocht, samen met zijn gastheer David Oppenheim, de schilder. Dylan verpakt zijn herinneringen aan dat bezoek in schilderachtige, filmische bewoordingen:

“Een paar jaar geleden was ik in Zuid-Frankrijk toen de zigeuners daar hun festival hadden. Toevallig rond hun allerheiligste feestdag, zoiets als de Kersttijd. Hoe dan ook, die specifieke dag is de dag waarop ik ben geboren, het is mijn verjaardag. Ik hoorde er al jaren over en wilde het wel eens meemaken. Dus dat deed ik. Dus ik kwam daar, een stadje aan de oceaan, in het zuiden van Frankrijk. En alle zigeuners waren er. Ze kwamen uit Hongarije, Roemenië, Frankrijk, Engeland, Duitsland, al die landen. Gewoon langs het strand. En wat ze dan doen tijdens die feestdagen, ze vieren gewoon een week lang feest. Ik heb toen de koning van de zigeuners daar leren kennen. Ik weet niet hoe oud hij was. Hij droeg een bolhoed toen ik hem ontmoette. Hij had 16 vrouwen en 125 kinderen. En ik was nogal onder de indruk van hem. Hoe dan ook, ik bleef hangen en feestte een week lang mee, ik sliep niet, deed alles wat er te doen was minstens twee keer. En toen het tijd werd om te vertrekken, zei hij: "Wat kan ik je aanbieden, Bob, nu onze wegen zich scheiden?" Het enige wat ik nodig had, was nog een dag wakker blijven, gewoon om terug te kunnen gaan naar Noord-Frankrijk, dus vroeg ik om nog een kop koffie voor onderweg. Dus dat kreeg ik, ze deden in een zak, ik nam het aan en vertrok.”

Dit verhaal vertelt Dylan in licht afwijkende varianten. Soms met details die de ongeloofwaardigheid nog vergroten (zoals zijn herinnering dat hij bij de oceaan staat en over een grote vallei uitkijkt – in de Camargue is noch een oceaan, noch zijn er ‘grote weidse valleien’), maar het verhaal maakt wel duidelijk welke gevoelens Dylan zelf heeft bij “One More Cup Of Coffee”: exotisch, ontheemd, verloren. Aan “Isis” herinnert het sowieso, maar misschien nog wel meer aan “Señor”, dat hij in deze periode steevast ook al met een vergelijkbaar bizar, woest uitwaaierend verhaal inleidt.

Het refrein heeft de dichter daarmee een autobiografische basis gegeven. In het vraaggesprek met Paul Zollo, dertien jaar na die bühnepraatjes, veegt hij dat echter weer van tafel. Die dagen in Zuid-Frankrijk hebben “vermoedelijk wel het schrijven van dat lied beïnvloed”, maar

The Valley Below kwam waarschijnlijk ergens anders vandaan. Mijn gevoel over het liedje was dat de coupletten ergens anders vandaan kwamen. Het ging nergens over, dus dat ‘valley below’-ding werd het middel om het aan op te hangen. Maar ‘valley below’ kan van alles betekenen.”

Klopt. Salomo lijkt de vrouwelijke schaamstreek ermee te bedoelen. Maar ook de minder Bijbelvasten zullen bij valley vermoedelijk eerder een meer lugubere associatie hebben: Psalm 23:4, Al ging ik ook in een dal der schaduw des doods, ik zou geen kwaad vrezen, de Psalm die Dylan ook zal parafraseren in de krachtenbundeling met U2, “Love Rescue Me” (1987). Of, nog akeliger, het Dal van Hinnom, Gehenna, het dal waarin ten tijde van Salomo een eeuwig vuur brandende werd gehouden en waarin kinderen werden geofferd aan Moloch – dat ook de valley below Jerusalem werd genoemd.

Uiteindelijk, echter, zal de woordcombinatie bij een song and dance man als Dylan wel zijn binnengekomen via een van de vele, vele songs waarin een valley below wordt bezongen. De eeuwenoude, populaire folksong “Early In The Morning”, bijvoorbeeld (Early one morning / Just as the sun was rising / I heard a young maid sing / In the valley below), dat in de jaren 60 alleen al in Bonanza minstens drie keer wordt gezongen. Of via Dottie Rambo’s gospelklassieker “(In The Valley) He Restoreth My Soul”. Buffy Sainte Marie’s “The Piney Wood Hills”, Dave Dudley’s “Silver Rails” (wiens “Coffee, Coffee, Coffee” trouwens ook wel in Dylans platenkoffertje zal zitten), “Watching The Apples Grow” van Stan Rogers, Connie Smith’s tophit “Cincinatti Ohio”… ach, op elk schap in Dylans platenkast zullen wel zo’n vijf, zes valleys below te vinden zijn.
En dat geldt ook voor dat kopje koffie. Radiomaker Dylan wijdt een gehele episode van Theme Time Radio Hour aan koffie (seizoen 1, aflevering 5, Coffee), waarin hij vijftien songs met koffiedrinkende protagonisten draait, maar niet het lied dat het dichtst bij hem staat: “I’ll Just Have A Cup Of Coffee (Then I’ll Go)” van Claude Gray uit 1960.