Bringing it all back home

Hier zit ik dan, op mijn 55e verjaardag, in school. Hadden ze mij dat verteld toen ik veertien was, had ik iedereen voor gek versleten. Dat was immers een plaats waar je vandaan moest zien te komen, zo snel mogelijk, en gezien mijn spijbel percentage lukte het me al aardig dat vreselijke oord te ontwijken. En nu zit ik zelf op de gehate plek van leraar, al is het dan onder de verzachtende naam onderwijs assistent, het heeft zijn prijs wanneer je geen opleidingen afmaakt en je educatie zelf zoekt in de verderfelijke romans die je leest en de opruiende muziek die je luistert.
Terwijl de leerlingen zuchtend de opdracht maken die ik hen gaf, kijk ik even op de site van expecting rain en kom tot de ontdekking dat het ook de verjaardag is van Bringing it all Back Home. Dat dit feit aan me voorbij is gegaan al die tijd mag verbazingwekkend heten, want niet mijn ouders hebben mij opgevoed, maar Bob Dylan, zo ervaar ik het althans. Dat deze plaat, die ik als zijn belangrijkste beschouw hoewel ik in mijn top tien de eerste plek reserveer voor het volmaakte album Highway 61, uitgekomen is op dezelfde dag dat ik ooit zeven werd, heeft voor mij een magische waarde. Op die leeftijd ontdekte ik Dylan, middels de single Subterranean Homesick Blues, waarvan de B kant The Times het eerste nummer was dat ik ooit van hem hoorde. Zeven jaar later mocht ik kiezen welke elpee ik van hem zou ontvangen als verjaarskado van mijn opa.
De grotere broer die er voor had gezorgd dat het niet bij die single bleef en een hele verzameling van Dylan's werk had opgebouwd waarnaar ik geregeld mocht luisteren, was net rond die tijd tot het christendom van onze voorvaderen teruggekeerd, en had met het fanatisme van een bekeerling de hele collectie langs de snelweg gezet. Toen hij in berouw er naar terug fietste om ze toch nog maar te behouden, waren ze al weg. Maakte het voor hem makkelijker, was hij even van de gewetensstrijd af of hij naar zulke muziek mocht luisteren. Voor mij riep het een groot probleem op. Ik miste ze, voelde me een wees. De pijn die ik later door rouw heb ervaren, ik moet met enige schaamte haast bekennen dat die daarmee overeen kwam, al lijkt dat misschien overdreven.
Toen ik dus mijn verlanglijstje voor mijn opa schreef kon daar maar een ding staan. Ik wist dat ik van mijn ouders niets kon verwachten dat ik echt wenste, maar hij hield ervan mijn geheime verlangens te beantwoorden Hij zorgde er voor dat ik op voetbal kon, en hij wilde wel mijn verslaving aan wat hij die klere herrie noemde, stillen. Want hij hield van alle rebellie tegen zijn schoonzoon.
Een ding ja hoopte ik te krijgen van hem, een elpee van Bob, maar welke? The Times was me dierbaar als een vervangende moeder, die plaat hadden we grijs gedraaid, was een poos de enige toegang tot zijn universum geweest. Ik had mijn gezicht dezelfde uitdrukking proberen te geven als het dreigende indringende portret op de albumhoes, en ik had mezelf Engels geleerd aan de hand van de gedichten die op de achterkant en het inlegvel stonden, zodat ik ver vooruit was ten opzichte van mijn klasgenoten, zowel in spellingsfouten als woordenkennis. Highway 61 was de eigenlijk onbereikbare hemel voor me. Blonde on Blonde een mysterieuze minnares, voor zover ik wist wat dat betekende. Freewheelin' voedde mijn opstandigheid. John Wesley Harding troostte me, net als New Morning. Maar de elpee die ik vereerde als een heilige die wonderen verrichtte en me een nieuwe manier van denken en voelen en zien leerde, dat was Bringing it all Back Home. De rock er van nog zo primitief dat ze me tot op het hart raakte, de akoestische songs zo etherisch en lucide dat iedere strofe en iedere klank op mijn ziel geschreven werd.
Kortom. Dat werd hem. Bringing it all Back Home. Mijn eerste eigen album van Dylan. En uit de import, dus met de correcte titel! Niet Subterranean Homesick Blues! En in mono, dus met de hallucinante foto waarnaar ik uren kon staren, mooi in het midden van het maagdelijke wit, en een geluid zoveel beter dan ik gewend was! Alsof het mijn vriendinnetje was nam ik hem overal mee naar toe. Ik zat de explosieve hoestekst te lezen, alsof ik die al niet uit mijn hoofd kende, terwijl ik in de schoolbank zat. Zodat ik eruit werd gestuurd en ik de docent antwoordde: I accept chaos, I am not sure whether I accept you. Deze hele actie trok de aandacht van een Joods meisje uit mijn klas. Die rookte al shit wist ik en ik droomde van haar. Wel van dat moment af droomde zij ook van mij...

hans altena