Dylan kort #1239

Quote: In WNL op Zondag van 10 februari wordt gesproken over een box met ansichtkaarten. Op een van die kaarten staat een quote van Bob Dylan. De uitzending kan hier bekeken worden. De bewuste kaart vanaf 43:40. [met dank aan Bert]
De 2 afbeeldingen komen uit het boek Goldberg van Bert Natter. [met dank aan Alja]
Dylan & The Dead, zie hier. [met dank aan Sjon]
Daddy Rolling Stone: in 2011 plaatste Wim Noordhoek een stuk over het in elkaar zetten van Daddy Rolling Stone op de website van VPRO. Dat stond hier. Is er iemand die dat verhaal bewaard heeft? Zo ja, ik hoor het graag!
Izzy Young, zie hier.
De band Harlem heeft een song met de titel "Blonde on Blonde" opgenomen, zie / luister hier.




aantekening #6986

Ik heb hier ongetwijfeld eerder over geschreven. Dit is zo mooi dat ik me niet kan voorstellen dat ik het hier niet eerder over heb gehad. Ik was vergeten hoe mooi dit is (daar gaan we weer) en dus werd het opnieuw beluisteren een verrassing. Ik houd wel van dit soort verrassingen. Wie niet?
Als ik op een tracklist van een bootleg titels als "Visions Of Johanna" of "Blind Willie McTell" zie staan, dan heb ik hoge verwachtingen. Bij andere titels zijn die verwachtingen minder hoog. Dom, dom, dom, zo leerde ik vandaag weer.
De muziek is opgenomen op 14 juni 1998 in Bremen. Ik was 14 juni zenuwachtig. Dat herinner ik me niet, maar de logica gebiedt mij dat dat zo is. Een dag later, op 15 juni, ging ik voor het eerst naar een concert van Bob Dylan. Na mijn eerste Dylan-concert was ik verkocht. Ik speurde net zo lang op platenbeurzen tot ik een bootleg vond van dat concert, mijn eerste concert. Ik wilde dat concert nogmaals beleven.
De bootleg You Will Remember My Name bevat opnamen van een dag eerder, van 14 juni. Die bootleg heb ik nog zo lang. Er moesten eerst twintig jaar verstrijken voor ik die bootleg kocht.
Starend naar de tracklist van You Will Remember My Name zijn er hoge verwachtingen bij "Man In The Long Black Coat", "You're a Big Girl Now" en "'Till I Fell In Love with You".
De verwachtingen zijn niet hoog bij het zien van de titel "John Brown" op die tracklist. Ik vind "John Brown" zeker aardig, maar het nummer is nooit een favoriet geweest. Sinds het horen van You Will Remember My Name is daar verandering in gekomen. De versie van "John Brown" die Dylan op 14 juni 1998 in Bremen speelde tilt het nummer op tot de hoogte van concertklassiekers als "Desolation Row" of "Señor".
Bob Dylan begint voorzichtig aan "John Brown", deze avond in Bremen. alsof het een oud manuscript is dat alleen met witte handschoentjes opgepakt mag worden. Door die voorzichtige benadering ligt de denkfout op de loer dat Bob Dylan "John Brown" al lang niet meer gespeeld heeft, dat hij moet zoeken in zijn geheugen. Bob Dylan speelde "John Brown" tussen begin 1990 en het concert in Bremen 41 keer. Dat is niet extreem vaak, maar ook niet weinig.
De 41 voorgangers moeten vergeten worden. Ik moet luisteren naar deze ene. De enige van dit moment.
De voorzichtige benadering aan het begin maakt al snel plaats voor een steeds steviger stuk muziek. Tegen het eind van de song, in de laatste paar regels tekst, is er vooral de woede in Dylans stem. Het lijkt wel of Dylan en band zich al spelende door het verhaal laten meeslepen. Alsof het verhaal van "John Brown" de muzikanten op sleeptouw neemt in plaats van dat de muzikanten de toon zetten.
Nu ik deze "John Brown" weer een aantal malen gehoord heb, nu de muziek voor even weer deel uit maakt van mijn zijn, berg ik de cd weer op.
Ik berg 'm op zodat ik de muziek weer kan vergeten. Zodat ik over een tijdje de muziek weer als voor het eerst kan horen. Zodat ik weer verrast kan worden.

Dylan vinden waar hij niet tot nauwelijks is #70

Alja stuurde bij onderstaand filmpje:

 

Door dit filmpje nieuwsgierig geworden, heb ik heb naar bewuste bundel gezocht. Tevergeefs. Wel vond ik een gedicht van Herman Rohaert uit december 2009 dat geïnspireerd is op een song van Bob Dylan, zie hier. [met dank aan Alja]

Het Parool 22 april 1971


Uit de context #4

"Als je op de nieuwe plaat van Bob Dylan, New Morning, het nummer 'If Dogs Run Free' achterstevoren draait, moet je de zin 'If Mars invades us' horen. Sommigen menen nu al dat Dylan contact heeft met Marsmannetjes, die hem hebben verteld dat ze op de aarde willen landen."
Leeuwarder Courant, 9 januari 1971

aantekening #6981 - Yea! Heavy And A Bottle Of Bread

Eerder vandaag plaatste ik hier het stuk over "Yea! Heavy And A Bottle Of Bread" van Jochen Markhorst en zoals altijd heb ik met belangstelling en plezier Jochens bijdrage gelezen. Jochen weet me ook nu, zoals zo vaak, te verrassen met zijn gedachten over een song simpelweg omdat het gedachten zijn waar ik zelf niet opgekomen ben. Omdat ik zelf andere gedachten heb.
"Yea! Heavy And A Bottle Of Bread" is een song waar ik vaak over denk. In de eerste plaats omdat het zo'n heerlijke song is en in de tweede plaats omdat ik altijd met het gevoel blijf zitten net niet de vinger achter de tekst te krijgen. Dat net niet weten is veel prettiger dan precies weten waar de song over gaat of - helemaal aan de andere kant op de mogelijkhedenbalans - geen flauw idee hebben waar de song over gaat.
Jaren geleden heeft mijn geest een mogelijke gedachtegang verzonnen die Dylan bij de titel "Yea! Heavy And A Bottle Of Bread" bracht. Die gedachtegang begint bij de Engelse uitdrukking "not my cup of tea". (De associatie met tea = slang voor marihuana borrelt dan gelijk op, maar dit terzijde. Later in dit stuk komt de marihuana nog terug.)
In mijn kop vormt die Engelse uitdrukking "not my cup of tea"  in eerste instantie de bron voor een regel in een andere Basement-song, namelijk de regel "It ain’t my cup of meat" in "Quinn The Eskimo (The mighty Quinn)". De stap van "not my cup of tea" naar "It ain’t my cup of meat" is niet zo groot en vrij logisch, lijkt mij. "Tea" wordt "meat", van iets te drinken naar iets eetbaars. Bovendien is er sprake van klankrijm: tea- meat.
Oké, de volgende stap is van "cup of meat" naar "bottle of bread". De stap van "cup" naar "bottle" is niet zo groot, zowel een kopje als een fles zijn er om al dan niet direct uit te drinken. Een fles is simpelweg een slag groter dan een kopje. De gedachtesprong van "meat" en "bread" is ook niet zo gek, allebei is het eetbaar. En het vlees, "meat", komt ook in "Yea! Heavy And A Bottle Of Bread" weer voorbij.
De tekst van "Yea! Heavy And A Bottle Of Bread" zit sowieso vol eten: naast het eerder genoemde brood en vlees komen we in de tekst verder nog fruit, forel en taart tegen. Goed, er zit dus veel eten in "Yea! Heavy And A Bottle Of Bread".
Jochen noemt in zijn stuk "Yea! Heavy And A Bottle Of Bread" misschien wel de "aller-onzinnigste" van alle Basement-songs. Ik denk dat hij gelijk heeft. Die onzin komt, denk ik, niet uit de lucht vallen.
Het nummer doet mij vaak denken aan het onzin gedicht "Pull My Daisy" dat Allen Ginsberg, Jack Kerouac en Neal Cassady schreven. Dat gedicht begint met:

Pull my daisy
tip my cup
all my doors are open
Cut my thoughts
for coconuts
all my eggs are broken

Er is ook een muziek-versie van "Pull My Daisy". Het David Amram Quartet maakte er muziek bij, Jack Kerouac leest voor: "Pull My Daisy". Luister hier. Muzikaal staat dit ver van "Yea! Heavy And A Bottle Of Bread", een muzikale overeenkomst is er - volgens mijn oren - niet. Een tekstuele overeenkomst is er wel: onzin vers, drijvend op associaties en klank.
Andere associatie, wederom een Beat Generation-associatie: bij de regel "Get the loot, don’t be slow, we’re gonna catch a trout" denk ik aan het boek Trout Fishing In America van Richard Brautigan. Dat boek werd op 12 oktober 1967 gepubliceerd. Toeval? Waarschijnlijk wel. Maar feit is wel dat Trout Fishing In America net zomin gaat over forelvissen als "Yea! Heavy And A Bottle of Bread" gaat over een fles vol brood.
Er zijn meer overeenkomsten tussen boek en song: in het boek Trout Fishing In America komt een persoon voor met de naam Trout Fishing In America, in de eerste regel van "Yea! Heavy And A Bottle Of Bread" zingt Dylan: " the comic book and me, just us, we caught the bus" alsof "the comic book" niet een stukje leesvoer is, maar een persoon, net als Trout Fishing In America in het gelijknamige boek.
De tekst van "Yea! Heavy And A Bottle Of Bread" zit, net als "Pull My Daisy", vol taalspel, vol klankassociatie en klankrijm. Kijk bijvoorbeeld eens naar de regels:

It’s a one-track town, just brown, and a breeze, too
Pack up the meat, sweet, we’re headin’ out

tongbrekers, vol rijm: track - town - too, brown - breeze, town - brown, meat - sweet, town - brown - out.
Meer taalspel, in de tweede regel zingt Dylan "she" waar je oren "he" verwachten:

The poor little chauffeur, though, she was back in bed

Het derde couplet lijkt wel haast ter plekke, tijdens het opnemen van de song, bedacht. Dylan ziet een drummer en zingt:

Now, pull that drummer out from behind that bottle
Bring me my pipe, we’re gonna shake it

Dit is de tweede keer dat een fles voorbij komt in deze song. In het eerste couplet was er immers al de fles vol brood. Nu moet de drummer achter de fles vandaan getrokken worden. Het woord fles roept de associatie op met drinken. Een regel verder moet er een pijp gebracht worden. Een pijp is er om te roken. Gaat het hier om twee de roesmiddelen alcohol en marihuana? Mogelijk. Weg met die fles, zegt dit vers, laat me roken en dan gaan we lol trappen. Zoiets.

Bovenstaande zijn zomaar wat associaties over "Yea! Heavy And A Bottle Of Bread", wat wilde gedachten die al een aantal jaren door mijn hoofd zweven.
Het gekke aan "Yea! Heavy And A Bottle Of Bread" is, zoals bij zoveel Basement-songs, dat de tekst op papier verwarrend lijkt, maar dat als de muziek  draait alles op z'n plaats valt.

Pack up the meat, sweet, we’re headin’ out

BDinNL 2.0

Nog een vraag met betrekking tot de "witte" songbooks die vanaf ongeveer 1969 van Bob Dylan verschenen. Het songbook Dylan is, schat ik, van begin jaren zeventig. Ik wil graag weten waar en door wie dit songbook werd gemaakt of dit songbook ook in Nederland werd verkocht.
reageren kan twillems87[at]gmail.com


Yea! Heavy And A Bottle Of Bread - door Jochen Markhorst


Yea! Heavy And A Bottle Of Bread (1967)


In 1968 verklapt Beatty Zimmerman, Dylans moeder, in een interview met schrijver Toby Thompson (Positively Main Street, 1971) dat zij tijdens haar logeerpartijen bij het jonge gezinnetje van Dylan in Woodstock haar zoon zo vaak in de Bijbel heeft zien bladeren:

Er ligt een enorme Bijbel opengeslagen op een standaard midden in zijn studeerkamer. Het huis barst uit de voegen van alle boeken. En van al die boeken waarmee zijn huis is volgestouwd, krijgt die Bijbel de meeste aandacht. Hij staat voortdurend op, loopt erheen en zoekt weer iets op.

De sporen ervan zijn moeiteloos te traceren in de liedteksten op John Wesley Harding, maar daaromheen, in de songs van de Basement Tapes, duiken echo’s van het statige, antieke idioom uit de King James Version van de Bijbel (de Engelse vertaling uit 1611) ook al op. Sowieso in de paar ‘serieuzere’ songs, songs waaraan duidelijk enig eerlijk handwerk en – beperkt – geschaaf vooraf gaat (“This Wheel’s On Fire”, “I Shall Be Released”, “Down In The Flood”, bijvoorbeeld) maar die oudtestamentische echo’s klinken ook in de halfgeïmproviseerde, nonsensicale liedjes als “Open The Door, Homer” en “Lo And Behold!”. En in de misschien wel aller-onzinnigste van allemaal, in “Yea! Heavy And A Bottle Of Bread”.

De eerste keer dat Het Kwaad aan het woord komt in de Bijbel is in Genesis 3, het hoofdstuk over de zondeval, als meteen in vers 1 de slang aanpapt met de naïeve Eva: Yea, hath God said, Ye shall not eat of every tree of the garden? (“Is het ook, dat God gezegd heeft: Gijlieden zult niet eten van allen boom dezes hofs?”)
Genesis 3, dus ‘Yea’ is meteen ook de binnenkomer van Het Kwaad in Gods schepping überhaupt, en lijkt daarom volkomen misplaatst in Dylans onbegrijpelijke, dwaze, vrolijke Basementsong.

Hoewel? ‘Yea! Heavy’ kan ook gelezen worden als een alternatieve verklanking van יהוה, van Jehova – de Thora is geschreven in de oorspronkelijke, klinkerloze oervorm van het Hebreeuws, dus zo groot is die sprong niet. En een paar hoofdstukken later, in Genesis 21, vinden we de combinatie bottle en bread (And Abraham rose up early in the morning, and took bread, and a bottle of water). Maar ja: alles bij elkaar klinkt Dylans refrein dan weer meer naar een melige variant op het feestelijke piratenmotto uit Stevensons Schateiland (1883), naar Yo-ho and a bottle of rum en daarmee gaat de Bijbelse ernst wel weer verloren. Om nog maar te zwijgen over oeverloze versregels als Slap that drummer with a pie that smells of Get the loot, don’t be slow, we’re gonna catch a trout.
Nee, weinig Bijbels. Bijbelse connotaties zijn hoogstens te wijten aan de vrije, associatieve werkwijze waaraan de dichter zich hier overgeeft. En daarmee zou een duiding meer op de weg van de kenners van het onbewuste, van de psychoanalytici moeten liggen.

Vrij vroeg in zijn carrière stapt Sigmund Freud af van hypnose en wordt hij nogal een fan van Vrije Associatie. Hij raakt overtuigd dat het hem meer vertelt over de patiënt dan hypnose kan bereiken en dat het bovendien het grote nadeel van hypnose elimineert: het feit dat de patiënt zich naderhand niets herinnert en weigert zich te herkennen in hetgeen hij in trance heeft blootgegeven.
In de tweede helft van de twintigste eeuw wordt Freud langzaam van zijn marmeren voetstuk gehaald, ontstaat er zelfs oppositie tegen de ‘pseudowetenschap’ die psychoanalyse zou zijn en een van Freuds ontdekkingen die het nogal moet ontgelden betreft dan dat belang van vrije associatie. Freuds cocaïnegebruik wordt er vaak bijgehaald om zijn preoccupatie met het onbewuste onderuit te halen en de Weense grondlegger zou daarnaast resultaten van vrije associatie nogal gemanipuleerd hebben om maar vast te kunnen houden aan de theorie dat het een sleutel naar het onbewuste is.

Hoe het ook zij, de kunstenaars maken graag gebruik van Freuds vinding. In het begin van de twintigste eeuw wagen de surrealisten zich aan een literaire variant van het diagnostisch bedoelde vrije spreken en keren zo feitelijk terug naar de bron van Freuds ideeën: Freud kwam erop door een van zijn lievelingsschrijvers, Ludwig Börne (1756-1837), die in 1823 Die Kunst, in drei Tagen ein Originalschriftsteller zu werden publiceert. Een kort essay, waarvan de uitsmijter zijn ‘geheim’ is om een goede schrijver te worden: pak een stapel papier en schrijf drie dagen achter elkaar klakkeloos alles op wat je door het hoofd schiet.
Freud, die Börne’s beschouwingen al als veertienjarige leest, herleest het werk jaren later weer, herkent verrast zijn eigen diagnostische methode en schrijft eerlijk, in een brief aan concullega Ferenczi: “Dat zou dus zomaar de bron van mijn originaliteit kunnen zijn.” Börne’s essay was overigens ironisch bedoeld, maar dat lijkt Sigmund te ontgaan.

In de psychoanalyse is de methode dan weliswaar flink omstreden, de kunstenaars van het Surrealisme blijven op hun voetstuk staan. Na de Surrealisten en de daarvan afgeleide Dadaïsten grijpen hordes kunstenaars naar vrije associatie om kunst te scheppen, inspiratie te vinden of om juist het gebrek aan inspiratie te maskeren. André Breton, Jackson Pollock, de Vijftigers in Nederland, Salvador Dali, Allen Ginsberg, John Lennon, Jack Kerouac… het zijn vooral schrijvers, en dat is ook wel te begrijpen. Een deel van de charme is immers om naderhand, na de schepping, proberen te achterhalen waarvandaan dat nu in hemelsnaam komt, achter welke sluisdeur van het onder- of onbewuste oote oote boe  of I am the eggman zat verstopt en: wat het zou betekenen.

Dylans liedtekst zou dan ontsprongen kunnen zijn uit een vermenging van die Bijbelse echo’s en dat ‘Yo-ho and a bottle of rum’ uit het lied Dead Man’s Chest. Daarin is ook de versregel With a Yo-Heave-Ho! and a fare-you-well te horen en dat komt wel érg dichtbij. Het lied hangt nog in de lucht, in de jaren 60. Het is weliswaar lang geleden, in 1901, geschreven voor een Broadwayversie van Treasure Island (op basis van dat enkele refreintje in Schateiland), maar in 1954 wordt het weer opgepakt voor de verfilming (Return To Treasure Island) en vanaf 1956 is het ook in Duluth wekelijks te horen als herkenningsmelodie voor de televisieserie The Adventures Of Long John Silver.

The Comic book and me #60

Well, the comic book and me, just us, we caught the bus
The poor little chauffeur, though, she was back in bed
On the very next day, with a nose full of pus
Yea! Heavy and a bottle of bread
Bob Dylan - "Yea! Heavy And A Bottle Of Bread"

Gisteren kocht ik het boek (in vaktermen trade paperback) Red Rocket 7 van Michael Allred. Het boek zat nog in het plastic, geen idee dus van de inhoud op het moment van kopen. Helemaal bovenaan op de cover staat "Hi Sci Fi", afgaande op die woorden dacht ik een boek met een toch wat vreemde combinatie van rock 'n roll en science fiction in handen te hebben. Bovendien kende ik het werk van Michael Allred van Art Ops, een comic waarin een van de personen wel verdomd veel op Bob Dylan lijkt (zie hier).
Eenmaal thuis, Red Rocket 7 lezend, bleek mijn aanname te kloppen: een absurde mix van science fiction en muziek. In de pagina's van Red Rocket 7 kwam ik The Beatles, Elvis, Roling Stones, Led Zeppelin, Dandy Warhols, David Bowie, Marc Ronson, U2 en vele, vele andere muzikanten en bands tegen. Bob Dylan kan natuurlijk niet in dat rijtje ontbreken. Op vijf verschillende bladzijden kwam ik 'm tegen. Zo staat Dylan op de door Allred getekende versie van de hoes van Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band van The Beatles (zie hier).
Voor de tekening van Bob Dylan op een andere bladzijde heeft Allred gebruik gemaakt de bekende foto van David Gahr van Bob Dylan die in het zwembad duikt (zie hier). Die foto is gemaakt tijdens het Newport Folk Festival in 1963. Allred verplaatst deze gebeurtenis naar 16 augustus 1965. Op de tekening in Red Rocket 7 dobberen de vier Beatles in het bad waar Dylan in duikt.
Dit is verre van de enige tekening waarvoor Allred een foto als uitgangspunt heeft gebruikt. Wie een beetje bekend is met foto's van muzikanten als Jimi Hendrix, The Beatles en noem ze allemaal maar op, komt keer op keer afbeeldingen tegen die bekend voorkomen.
Zo is er een foto van Bob Dylan, mondharmonica om zijn nek, microfoon voor zijn neus, die Michael Allred heeft gebruikt voor een tekening achterin het boek, niet deel van het verhaal. Op die tekening is het portret van de jonge Bob Dylan veranderd in een soort Mount Rushmore waarvan Red Rocket 7 abseilt.
Dan is er in dit verhaal nog de foto van Red Rocket 5, Red Rocket 7 en een jonge Bob Dylan, met pet, met tape vastgemaakt op de deur van een koelkast (zie hier) en een afbeelding waarop Red Rocket 7 samen met zijn vriendin luistert naar The Times They Are A-Changin' tijdens het lezen van On The Road van Jack Kerouac.




BDinNL 2.0

Voor mijn boek Bob Dylan in Nederland wil ik graag meer informatie over twee in Nederland verschenen "booklegs" en andere in Nederland verkochte roofdrukken van Tarantula.

In 1970 bracht de White Press in Amsterdam een roofdruk van Bob Dylans boek Tarantula op de markt. In 1971 volgde een tweede druk van dit boek. Ik ben op zoek naar mensen die betrokken waren bij het maken en drukken van deze editie van Tarantula, mensen die mij meer kunnen vertellen over de verkoop van dit boek en / of andere wetenswaardigheden over deze editie van Tarantula weten te melden.


In november 1971 - of vlak daarna - verscheen het songbook Words To His Songs. In december 1972 volgde een tweede editie van dit boek. Words To His Songs behoort, mede dankzij de schitterende tekeningen van holy cat (= Peter Pontiac), tot de mooiste boeken met songteksten van Bob Dylan. Ik ben op zoek naar mensen die betrokken waren bij het maken en drukken van Words To His Songs, mensen die mij meer kunnen vertellen over de verkoop van dit boek en / of andere wetenswaardigheden over Words To His Songs weten te melden.




De in Zwitserland gedrukte Hot Cha!-editie (1971) wordt begin jaren zeventig door de Real Free Press in Amsterdam verkocht. Wie kan mij meer vertellen over de verkoop van deze - of andere - roofdruk-editie van Tarantula in Nederland?


contact opnemen kan via e-mail: twillems87[at]gmail.com