een laatste bericht

 Dit is het 4778ste bericht op deze weblog sinds 14 februari 2008. Het is ook het laatste bericht. Het is tijd om Bob Dylan in (het) Nederland(s) op te doeken.

Twaalf jaar geleden ben ik met deze blog begonnen omdat ik vond dat er te weinig over Bob Dylan in het Nederlands werd geschreven. De Nederlandstalige Dylanbibliotheek bevatte toen twee boeken - Bob Dylan bij benadering en de biografie van Sjoerd de Jong - plus een handvol vertaalde boeken. Daar is in die twaalf jaar flink verandering in gekomen, zowel online als op papier wordt er meer dan ooit over Bob Dylans muziek in het Nederlands geschreven.

Doel bereikt.

Toch is dat niet de voornaamste reden om een punt achter ruim twaalf jaar bloggen te zetten. Het bijhouden van Bob Dylan in (het) Nederland(s) is een zeer tijdrovende aangelegenheid. Ik merk dat de laatste tijd het bloggen mij te veel tijd kost waardoor ik niet of te weinig toekom aan andere zaken, zoals luisteren naar Bob Dylans muziek of schrijven aan mijn boeken.

Bob Dylan in (het) Nederland(s) zal nog een korte tijd online staan. Voor het eind van 2020 verwijder ik de blog definitief van het internet. Bij deze wil ik alle mannen en vrouwen die hebben bijgedragen aan deze blog danken. Het ga jullie goed.


24 oktober: de Bob Dylan aantekeningen

aantekening #7570


Terwijl ik dit schrijf, luister ik naar Theme Time Radio Hour, aflevering 102 - "whiskey". Dat is een van de mooie dingen van deze tijd: net in Amerika uitgezonden en nu al schalt het door mijn woonkamer duizenden kilometers verderop.

En natuurlijk is deze uitzending een uitstekende manier voor Dylan om reclame te maken voor Heaven's Door, zijn eigen gestookte whiskey. Het aardige is dat Dylan daar ook geen geheim van maakt. Gelijk aan het begin van deze aflevering van Theme Time Radio Hour maakt hij duidelijk dat er een direct verband is tussen Heaven's Door en het wederom tot leven roepen van de radioshow.

Ondanks dat er vele jaren verstreken zijn sinds een aflevering van Theme Time Radio Hour is uitgezonden, is het programma in essentie hetzelfde gebleven: Bob Dylan die met praatjes, opmerkelijke feitjes en rare gedachtesprongen vergeten songs waarvan je het gevoel hebt dat je ze al eerder gehoord hebt aan elkaar kletst in een aangenaam ritme.

Wie had gedacht Bob Dylan ooit "Lady Gaga told me that joke" te horen zeggen? In Theme Time Radio Hour kan het.

Het is jammer dat de heropleving van Dylans radioshow bij deze ene aflevering blijft. Ik merk nu hoezeer ik het gemist heb, iedere week een nieuwe aflevering van de show. De eerste serie afleveringen van Theme Time Radio Hour moet ik vele malen beluisterd hebben. Vooral tijdens een autorit luister ik graag naar aflevering van de show. Het gaat nooit vervelen.

Nou heb ik in mijn leven al heel wat muziek gehoord, maar tijdens het beluisteren van Theme Time Radio Hour voel ik me toch iedere keer weer een muzikaal broekie. 95% van de in deze show gedraaide muziek heb ik nog nooit gehoord en - dit is mede de kracht van de show - toch heb ik bij het overgrote deel van die gedraaide muziek het gevoel dat ik het niet alleen al eerder heb gehoord, maar vooral het de moeite van het beluisteren meer dat waard is. Vreemd.

Waar moet ik wezen als ik Bob Dylan wil overtuigen in deze tijd van thuiszitten nog een vijftigtal afleveringen van de show te maken? Er zijn onderwerpen genoeg te bedenken voor die uitzendingen. 

Genoeg van mij vandaag. Tijd om de laatste punt van de dag te zetten. Ik stop met woorden zoeken en luister verder naar Theme Time Radio Hour, aflevering 102 - "Whiskey".

Yeah.

Dylan kort #3658

 Recensie van de Jimi Hendrix-biografie, met een beetje Dylan, zie hier. [met dank aan Alja]

Normaals Benedict Wells, zie hier. [Anita]

Cover: "Girl From The North Country" door het Britse Royal Philharmonic Orchestra op een Cash-gerelateerde plaat, zie hier.

Matthijs van Nieuwkerk in een bespreking van Op het eerste gezicht van Nick Hornby in de Volkskrant van 19 september: "de kans dat je op een zomeravond gezellig met Bob Dylan een duik in het IJsselmeer neemt, is groter dan dat je naam ooit in dit begeerde journalistieke colofon [The New Yorker] al stralen." [met dank aan Hans] Zie ook hier.

De Telegraaf, 18 september 2020 [met dank aan Arie]:



Theme Time Radio Hour - Whiskey - trailer, zie hier. [met dank aan Rob]

Theme Time Radio Hour - Whiskey - trailer 2 bevat een fragment uit het oeuvre van Toots Thielemans, lees en luister hier. [met dank aan Dirk]

"Hij is – zeg maar – de Bob Dylan van de politieke filosofie." Nieuwsgierig om wie het gaat? Zie hier. [met dank aan John]

Recensie Rough and Rowdy Ways op Analog Planet, zie hier. [met dank aan Hans]

BOBCast aflevering 8 met Iris Koppe begint met een speeldoosje. Hans stuurde mij een foto van een speeldoosje dat "Blowin' In The Wind" speelt. [met dank aan Hans] Er is in ieder geval nog een versie van dit speeldoosje, in een saaier, doorzichtig doosje.

Sinds vandaag staan in de kolom rechts op deze blog alle afleveringen van de BOBCast op een rijtje, inclusief link naar de uitzending.



Tommy Ebben speelt Bob Dylan, zie hier en hier.

Dylan in de kerk, zie hier.

Cover: Paul van Huet speelt "Blowin' In The Wind", zie hier.




aantekening #7568


 Het hoofd bonkt, op de achtergrond hoor ik kippen jammeren. De achterdeur staat open, een staartje zomer waait naar binnen. Na het beluisteren van de achtste Bobcast en het eerste deel van een nieuw opgedoken opname van Dylans concert van 10 juni 1988, is er de behoefte om de rust van eerst "I Was Young When I Left Home" en daarna de alternatieve take van "The Times They Are A-Changin'" op te zoeken. De bonus-cd bij de eerste uitgave van "Love And Theft".

Op de stapel ongelezen boeken links naast mij ligt bovenop een boek met transcripties van tweeënvijftig radio-uitzendingen. Een van die uitzendingen ging over Bob Dylan. Bovenop de stapel rechts ligt een boek van een schaker. Volgens het namenregister achterin het boek is Dylan te vinden op vier pagina's: 26, 119, 148, 181.

Als ik me omdraai zie ik andere stapels boeken. Een van die stapels bevat boeken die ik al wel gelezen heb, maar waar ik nog iets mee moet. Zes boeken waarin Dylan te vinden is liggen er op die stapel. Een boek over een boekenhandelaar, een boeken van Theodor Holman en Peter Buwalda, een klein boekje met de titel Pop, een dichtbundel van Erik Bindervoet en een boek waarin het verhaal staat van een man die er zo'n twintig jaar over deed om de Dylan-biografie Bob Spitz te kopen.

Dat laatste verhaal vertelt niet wat de man van die biografie vindt. Jammer, dat had ik nou wel eens willen weten.

Theme Time Radio Hour is terug

 


Ik heb vanmiddag geluisterd naar een opname van Bob Dylans concert van 2 december 2019, Beacon Theatre, New York. Goed concert, vooral "Lenny Bruce" en "Not Dark Yet" springen er uit. "Soon After Midnight" eigenlijk ook wel. Het is een van de laatste concerten die Dylan gegeven heeft. In april zou Dylan door Japan touren, in juni en juli door Amerika. Die concerten zijn gecanceld door corona. Bob Dylan laatste concert was op 8 december 2019. Hij zit inmiddels negen maanden thuis. De laatste keer dat hij zo lang thuis zat, is ruim dertig jaar geleden. Tussen 7 augustus 1986 en 4 juli 1987 gaf Bob Dylan geen concerten.

Met dank aan een e-mail van Rob van een aantal weken geleden ben ik me gaan afvragen wat Dylan doet in de maanden dat hij gedwongen thuiszit. Mijn eerste gedachte was misschien een vreemde: na het succes van Rough And Rowdy Ways is hij bezig geweest met het schrijven van nieuwe songs zodat er eind dit kalenderjaar nog een nieuw Dylan-albums in de winkel ligt. Wishful thinking, vrees ik.

Ik kan me voorstellen dat hij de tijd gebruikt om te werken aan zijn beeldende kunst. Ik stel me voor dat hij deze maanden dagelijks in zijn atelier is om te schilderen of te beeldhouwen. Misschien werkt hij wel aan Chronicles, volume 2

Een andere mogelijkheid die in de afgelopen tijd een aantal malen door mijn kop is geschoten is deze: het thuiszitten, het niks doen bevalt hem zo goed, dat hij nooit meer - ook niet wanneer het weer kan - zal touren. Ik hoop dat ik het fout heb. De concerten van december vorig jaar laten horen dat Dylan nog steeds schitterende concerten kan geven.

Ik zat er naast. Dylan deed / doet andere dingen.

Gisteren kwam het bericht naar buiten dat Dylan nog één maal een aflevering van Theme Time Radio Hour heeft gemaakt (of gaat maken). Dat is een mogelijkheid waaraan ik nog niet had gedacht. En dat terwijl het eigenlijk heel logisch is om juist het maken van die oude radioshow weer op te pakken. 

Tussen mei 2006 en april 2009 werden er 100 afleveringen van Theme Time Radio Hour uitgezonden. In februari 2015 werd nog één aflevering uitgezonden op de Duitse zender Radio Eins. Het onderwerp: "Kiss". En nu is er dus de aankondiging van aflevering 102. De twee uur durende aflevering wordt, net als "Kiss", uitgezonden op Radio Eins. Het onderwerp, hoe kan het ook anders, is "Whiskey". Dylan brengt immers sinds kort Heaven's Door op de markt, zijn eigen whiskey. De uitzending is op 24 september.

Dat was het nieuws gisteren.

Vandaag kondigde Sirius XM aan vanaf 21 september niet alleen de nieuwe aflevering van Theme Time Radio Hour online te zetten, maar ook de eerste 100 afleveringen van Dylans radioshow die eerder op deze zender werden uitgezonden.

Ik kan bijna niet wachten.


Mississippi - door Jochen Markhorst

 

Mississippi 

door Jochen Markhorst 

Zoals eerder "Desolation Row" en "Where Are You Tonight?", kan "Mississippi" niet echt in één artikel worden behandeld. Te groots, te majestueus, te monumentaal. En zo'n buitengewoon meesterwerk verdient natuurlijk ook meer dan een schamel artikel. Zoals de meester zegt (niet over "Mississippi", maar over bluegrass, in het New York Times interview van juni 2020): "It's mysterious and deep rooted and you almost have to be born playing it. [...] It's harmonic and meditative, but it's out for blood."

Kortom: het is een boek geworden (verkrijgbaar via Amazon). Hier is hoofdstuk 1:    


 

I              Sexy Afro-polyritmiek 

 

"Things got contentious once in the parking lot. He tried to convince me that the song had to be "sexy, sexy and more sexy." I know about sexy, too. He reminded me of Sam Phillips, who had once said the same thing to John Prine about a song, but the circumstances were not similar." 

(David Fricke interview for Rolling Stone, 2001)) 

In de A&E Series Biography wordt in 2000 de schitterende documentaire van Peter Guralnick over Sam Phillips uitgezonden: Sam Phillips – The Man Who Invented Rock 'n' Roll. De film duurt 90 fascinerende minuten, en tegen het eind komen de zoons van Phillips, Jerry en Knox, te spreken over de bemoeienis van hun vader met John Prine. 

John Prine neemt begin 1979 een bijzonder atypische plaat op, Pink Cadillac. Na vijf albums vol alom bewonderde luisterliedjes, songs waarvoor ook Dylan zijn hoed afneemt, wil Prine met zijn zesde plaat zijn liefde voor good old rock 'n' roll belijden. Voor de eerste en enige keer in zijn carrière zijn de teksten van ondergeschikt belang. Good, honest music moest het zijn, aldus Prine in de liner notes van het album.  

Poëtischer zegt hij het in de liner notes van het onovertroffen verzamelalbum Great Days, ook al opgeschreven door David Fricke in 1993: 

"I wanted to do something noisy, something like if you had a buddy with a band and you walked into his house and you could hear 'em practicing in the basement."    

Die plaat wil hij graag opnemen in de studio van de legendarische Sun Records producer Sam Phillips in Memphis, geleid door zoons Jerry en Knox Phillips, die ook Prine's plaat zullen produceren. Tot verrukking van Prine komt pa echter ook even langs – en die bemoeit zich meteen met de productie. Vandaag staan "Saigon" en "How Lucky" op de rol. De oude Phillips kwam eigenlijk alleen maar gedag zeggen, maar hoort hoofdschuddend toe hoe Prine - in zijn oren – niets ervan bakt. Pa besluit zich te laten gelden. Eerst dondert hij zijn ongenoegen met Prine's slappe zang via de intercom vanuit de controleruimte de studio in. "En dan zette hij ook extra nagalm, de slap-back echo, op zijn stem," vertelt Prine. "Je voelde je als Mozes die door de brandende braamstruik wordt toegesproken." 

Als het dan nog steeds niet voldoet, schuift Phillips op zijn keukenstoeltje Prine's comfortzone in en snauwt, op millimeters van Prine's gezicht, met maniakaal opengesperde ogen: "And John, can you put some sex in it?"
In de documentaire doet zoon Knox, die ook wel aardig op zijn vader lijkt, het op angstaanjagende wijze na, inclusief de woest-krankzinnige blik.  

De volgende opname van "Saigon" bevredigt Sam, maar enige vraagtekens bij zijn oordeel mogen wel worden geplaatst – Prine's zang klinkt op deze definitieve opname erg afgeknepen, onnatuurlijk en weinig spontaan. De hoofdrolspeler blikt desondanks met trots en genegenheid terug, in dezelfde documentaire. "Ik was in de studio met Sam Phillips, weet je. Als Sam me had gezegd dat ik op m'n kop moest staan en dan zingen, zou ik dat ook hebben gedaan." 

 

Dat Phillips seks in "Saigon" wil horen is nog wel te volgen: 

You got everything that a girl should grow
I'm so afraid to kiss you I might lose control
You can hold me tighter but turn loose of my gun
It's a sentimental present all the way from Saigon 

 

Maar waarom Daniel Lanois vindt dat "Mississippi" "sexy, sexy and more sexy" moet klinken, is minder navolgbaar. Dylan heeft inderdaad wel een punt als hij zegt: "The circumstances were not similar." 

 


Dylans volgende verklaring, nog steeds in dezelfde alinea van dat interview met David Fricke voor Rolling Stone is echter weer ouderwets raadselachtig: 

"I tried to explain that the song had more to do with the Declaration of Independence, the Constitution and the Bill of Rights than witch doctors, and just couldn't be thought of as some kind of ideological voodoo thing." 

Pôh pôh. De Onafhankelijkheidsverklaring, de Grondwet en de eerste Tien Amendementen en daarvoor wijst Dylan ook al op een verborgen expressieve bedoeling achter de woorden (the expressive meaning behind the lyrics). Arme Daniel Lanois; dat vergt inderdaad wel enige uitleg. Het gemak waarmee Dylan complete coupletten heen en weer verschuift en hele versregels doorstreept (de derde outtake opent bijvoorbeeld met I'm standing in the shadows with an aching heart / I'm looking at the world tear itself apart) pleit ook niet erg voor de stelling dat Dylan zelf erg scherp ziet wat hij met de tekst wil verwoorden.  

Nog raadselachtiger is Dylans analyse iets eerder in het interview: 

"Lanois didn't see it. Thought it was pedestrian. Took it down the Afro-polyrhythm route — multirhythm drumming, that sort of thing. Polyrhythm has its place, but it doesn't work for knifelike lyrics trying to convey majesty and heroism." 

 

"Multi-ritmisch drumwerk" en "Afro-polyritmiek" klinkt wat al te hysterisch. Op de door Dylan afgekeurde, adembenemend mooie opnamen, de drie versies die later op The Bootleg Series Vol. 8: Tell Tale Signs: Rare and Unreleased 1989–2006 (2008) staan, is daarvan geen sprake. Lanois geeft een J.J.Cale-achtige sfeer eraan mee, inclusief meetikkende voet – veel heftiger is het niet. Het lijkt erop dat Dylan in de war is met de eveneens afgekeurde opnames van "Series Of Dreams", een song die weliswaar niet onder de noemer "majesty and heroism" valt te plaatsen, maar waarvan het arrangement inderdaad wordt volgestort met een cascade van woest, overdonderend getrommel, met "multi-ritmisch drumwerk" en "Afro-polyritmiek".   

Sexy is het wel.   


Hard Rain, een herwaardering

 Gisteren werd ik zo rond het ontbijt, met dank aan een link op Expecting Rain, geconfronteerd met het artikel "Why Hard Rain is Bob Dylan’s worst ever album" op Far Out. Aanvankelijk dacht ik nog dat ik te maken had met een cynische grap en dan nog een slechte ook, maar toen ik het artikel verder las merkte ik dat de schrijver het wel degelijk meende. Nou ben ik er helemaal voorstander van dat iedereen zijn eigen mening mag hebben en zo. Dat je over smaak niet kunt twisten en nog meer van dat soort open deuren help ik graag intrappen, maar in dit geval trap ik even niks in. Ik twijfel ernstig aan het gezonde verstand van de schrijver van bovengenoemd artikel. De man (of vrouw) moet wel haast doof zijn, of niet bij zinnen om dit soort onzin de wereld in te slingeren. 

Wat schiet de wereld op met een reactie op dat stuk waarbij ik steeds weer in nieuwe bewoordingen ter berde brengt dat de schrijver van het artikel een oeleflapper is? Niks. Beter is het, zo denk ik, duidelijk te maken waarom Hard Rain wel de moeite van het beluisteren waard is.

Het is tijd om het schuim van de lippen te vegen en een lans voor Hard Rain te breken.


Ik zie mezelf nog de trap af stuiteren. Vijftien jaar oud, één brok hormonen, de openingsklanken van "Maggie's Farm" voor me uit fluitend. Een paar weken daarvoor kocht ik Hard Rain, mijn tweede Dylan-plaat. Terwijl mijn generatiegenoten luisterden naar U2, The Cure, Madonna en Prince, sloot ik me in mijn puberkamer op met Jimi Hendrix, The Doors en sinds kort ook Bob Dylan.

Acht gulden betaalde ik voor een grijsgedraaid exemplaar van Hard Rain. Weken heeft er niks anders op mijn draaitafel gelegen. De pick up-naald moest zich door veel vuil ploegen om de muziek prijs te kunnen geven. Dat verstofte exemplaar is inmiddels vervangen door een schone schijf. Toch hoor ik nog steeds als ik Hard Rain draai dat knapperende haardvuur op de achtergrond. 

Hard Rain luisteren begint bij de hoes, bij die zwartomrande ogen die je vanaf de voorzijde aankijken. Die ogen staren mij nu ruim dertig jaar aan en nog steeds kan ik er niet één, maar een veelvoud aan emoties in zien. Hard Rain is het album van een man die op zijn tandvlees loopt en dat is op die hoes al te zien.

Wie de naald op de plaat laat zakken hoort als eerste die zoekende noten aan het begin van Hard Rain. Ik hoor in de muziek op dit album een man die zoekt, die in die zoektocht zichzelf kwijt raakt en opnieuw opstaat. Zoiets. Hard Rain is een reis naar dat glorieuze moment, de tien minuten durende herrijzenis van de vogel feniks die Dylan is. Naar "Idiot Wind".

Dacht je dat Bob Dylan in 1966 tijdens zijn tour met The Band hard speelde? Vergeet het, luister maar naar deze "Idiot Wind".

Dat is het eind, terug naar het begin. 

"Maggie's Farm": het rammelt, het schudt. Muziektechnisch klopt er geen reet van en toch werkt het. Dat is Dylan: met chaos schoonheid creëren. Of energie. laten we wel wezen, Hard Rain is één brok testosteron. Energie. ik kan niet stilzitten als ik dit hoor. Vingers tikken mee op tafel. De strot haalt af en toe uit, brult mee.

Hoeveel gitaren jengelen hier door elkaar? Ze jengelen echt, maar het werkt. ik zei het al: chaos, en dat dan tot schoonheid kneden. En dan is er nog Dylans stem, een stem die op breken staat, zo lijkt het, maar tegelijkertijd krachtiger wordt.

"One Too Many Mornings" en dan het moment waarop je je realiseert dat je een viool hoort. Kippenvel, iedere keer weer. 

"One Too Many Mornings", de song die op Times zo bedachtzaam, zo kalm klinkt, knalt je hier tegemoet om je te raken, ergens achter de ogen. Luister naar hoe Dylan het derde couplet zingt, dat begint met: 

It’s a restless hungry feeling

That don’t mean no one no good

En dan is het even stil, maar tijd om op adem te komen krijgt de luisteraar niet. "Stuck Inside Of Mobile With The Memphis Blues Again" begint redelijk rustig, bijna tam in vergelijk tot de rest van de songs. Maar bij het eerste refrein komt daar al verandering in. Uithalen, de stem als instrument. Woorden zijn slechts woorden tenzij je die woorden met klank, met adem, met lengte, met volume meer dan één betekenis geeft. Dan zijn woorden ineens werelden. "Mobile" is een woorden-wereld, een nieuwe planeet. 

Het basloopje zo ergens rond drieënhalve minuut...

Hoeveel muzikanten knippen uit de concertopnamen het gepiel op een gitaar tussendoor terwijl het publiek verzoeknummers richting podium roept? Dylan niet. Dat gepingel, dat roepen om "Lay, Lady, Lay", dat is Hard Rain. Het hoort er allemaal bij. Perfectie bestaat niet, goddank.

"Oh Sister", weer die viool. De song blijft aanvankelijk redelijk dicht bij de studio-versie. Een uitzondering op Hard Rain. Al die andere songs worden opengescheurd en opnieuw uitgevonden op dit album, "Oh Sister" niet, of minder. Het vormt daardoor een rustpunt op dit album.

En dan toch "Lay, Lady, Lay", het nummer waar men om riep. Niks is er over van de nette country-versie van Nashville Skyline. Deze "Lay, Lady, Lay" is geil. Het druipt er af, niet alleen van de woorden die nooit eerder in deze song klonken, maar vooral in hoe die gezongen wordt. 

Stay, lady, staaaaaaaaay

stay with your man awhiiiiiiiiiiiile

En na een laatste uithaal is het tijd om de plaat om te draaien.

Kant 2 begint, net als kant 1, met gerommel. Dylan heeft de witte gitaar genaamd Rimbaud omgehangen en speelt slide. Magistrale vocalen. Luister naar hoe Dylan zingt, luister naar:

Try imagining a place where it’s always safe and warm

Het ritme van de woorden sleept de muziek voort. Het dendert, knettert. Dylan zingt hoorbaar op de toppen van zijn kunnen, Als hij nog iets meer geeft, breekt zijn stem.

En dan volgt, na wederom een korte stilte, "You're A Big Girl Now". De muziek is klein, soms nauwelijks aanwezig. Daaroverheen knalt die machtige stem. Pijn, verdriet, spijt. De wonden zijn vers, je hoort het. De song, nog jong - het verscheen voor het eerst op Blood On The Tracks (1975) - is volledig aan gort gescheurd en uit de restanten verrijst een nieuwe song.

Het spel tussen Rivera's viool en Dylans stem intrigeert, iedere keer weer. De song laat de luisteraar, deze luisteraar als een emotioneel wrak achter. 

Een tweede song van Nashville Skyline: "I Threw It All Away". Eigenlijk is dat een onzinnige opmerking. Wat ik op Hard Rain hoor heeft helemaal niks meer met Nashville Skyline te maken. Een slepende versie, een versie die mij lief is. Maar ook een versie die een brug is tussen "Big Girl" en "Idiot Wind". 

En dan scheurt niet de song, maar de wereld open, "Idiot Wind". Dit is de woede, de pijn, de ontluistering van een gebroken man. Deze man staat naakt, schaamteloos geeft hij zichzelf bloot. Dit beluister je niet voor je plezier, dit luister je om je mens te voelen. Medemens. Dit is het muzikale equivalent van lijden, van ten onder gaan. Dit zijn de krassen op de ziel. 

Dit is de pijn die nodig is om beter te worden.

What’s good is bad, what’s bad is good, you’ll find out when you reach the top

You’re on the bottom

Dit is ten onder gaan en weer opstaan. 

Woede. Luister naar de regel over hoe de ik niet langer haar boeken kan aanraken. Pijnlijk om te horen. En toch moet ik het horen, keer op keer.

Op keer. 

En als het dan stil wordt in de kamer, als de naald wappert door de uitloopgroef van de plaat blijf ik verslagen achter. Hard Rain is geen triomf. De emoties knallen door mijn lijf. Woede, pijn, verdriet. Hard Rain is geen plaat om eens "lekker" voor te gaan zitten met een glaasje wijn en een blokje kaas. Het is een plaat die de luisteraar door elkaar rammelt. Het is muziek die laat horen wat het is om mens te zijn, inclusief alle scherpe randjes en oneffenheden. Hard Rain beluisteren is confronterend en hard werken, maar wie de investering doet, zal beloond worden met misschien wel het beste live-album ooit.


~ * ~ * ~


Hard Rain is niet alleen een album, maar ook een film. Soms lees je dat het album de soundtrack is van die film, maar dat is niet accuraat. Hoewel de muziek in de film en op de plaat deels overlappen, zijn er ook vele verschillen. Het gaat mij in dit stuk niet om de film, maar om de plaat. En toch kan ik niet om de film heen.

Wanneer het precies geweest is, weet ik niet meer, maar lang na het horen van de elpee Hard Rain zag ik voor het eerst de gelijknamige film. Misschien wel 10, 15 jaar later. Ineens was er beeld bij de muziek die ik koesterde. Ik schrok van de blik in Dylans ogen. En tegelijkertijd herkende ik die blik als passend bij de muziek die mij zo dierbaar is. Ergens in de begindagen van deze blog probeerde ik die blik te vangen door een still uit die film te vangen. Die door mij gemaakte foto van Dylan uit Hard Rain plaatste ik op deze blog, permanent ergens bovenaan. Daar heeft 'ie jaren gestaan.

Een aantal jaar geleden heb ik die foto van de blog gehaald, maar verdwenen is 'ie nooit. Regelmatig kom ik die foto op internet tegen.[1] Blijkbaar ben ik niet de enige die in deze still de muziek van Hard Rain in het algemeen en "Idiot Wind" in het bijzonder herken.


Ik ben geen vijftien meer, maar Hard Rain beluister ik nog steeds met overgave. Wanneer ik de plaat nu draai, krijg ik de beelden uit de gelijknamige film voor ogen. Vooral die ene blik.

Ik voel die blik.

Wanneer ik Hard Rain nu draai zie ik mijn puberale zelf de trap af stuiteren, een brok hormonen en geldingsdrang. Klaar om de wereld op haar knieën te dwingen. 

Ik moet er nu vooral om lachen. Om mezelf. Om het "mannetje" dat ik was. Ik ben niet meer wie ik was. Er zijn meer dan dertig jaar verstreken. Jaren waarin meer dan één Tom de bovenhand had. En al die tijd, tijdens al die verschillende fasen in mijn leven is Hard Rain bij mij geweest.

Als ik even de weg kwijt ben, draai ik Hard Rain. Het album laat me zien wat het is om mens te zijn. 




[1] Inmiddels staat die foto ook weer op de blog, rechts.