Dylan - de naam

Er zijn meerdere theorieën over waar de jonge Robert Zimmerman de naam Dylan vond. De bekendste theorie is dat hij de naam "stal" van dichter Dylan Thomas. Bob Dylan heeft in de loop der jaren iedere kans aangegrepen om dit te ontkennen.
Hoeveel Dylan Thomas is er te vinden in het werk van Bob Dylan?
Nul, noppes, nada. Ik geloof niet dat Bob Dylan zijn naam bij Dylan Thomas vond.

Een andere theorie is dat hij de naam vond bij het karakter Matt Dillon, een marshall in de serie Gunsmoke. Zou kunnen, al zie ik weinig Gunsmoke in Dylans werk.

Misschien is het tijd voor een nieuwe theorie.

~ * ~ * ~ * ~

De theorie die ik nog nooit tegen ben gekomen is deze: de jonge Robert Zimmerman vond de naam Dylan bij de Franse dichter Charles Baudelaire (1821 - 1867). Dat ik die theorie nog nooit ben tegen gekomen is niet vreemd. Ik heb 'm zelf bedacht.
Voor wie het niet weet (is het mogelijk?): Baudelaire's bekendste werk is de bundel Les Fleur du Mal, de bloemen van het kwaad.

Persconferentie, 3 maart 1965:

(...)
reporter: "Rimbaud?"
Bob Dylan: "I’ve read his tiny little book Evil Flowers."
reporter: "You’re thinking of Baudelaire."
Bob Dylan: "Yes, I’ve read his tiny little book, too."

Bob Dylan is bekend met het werk van Baudelaire, met Les Fleur du Mal, al zal hij het niet in het Frans, maar in een Engelse vertaling hebben gelezen.

Misschien wel de in 1936 bij Harper & Brothers verschenen vertaling met de titel Flowers of Evil. Die vertaling werd gemaakt door dichter Edna St. Vincent Millay en een van haar vele geliefden, de minder bekende dichter George Dillon.

~ * ~ * ~ * ~

Is de wereld wijzer geworden met een nieuwe theorie over waar de jonge Robert Zimmerman de naam Dylan vond? Waarschijnlijk niet. Er is meer twijfel ontstaan, dat wel. 
Zit ik op twijfel te wachten?
Ik denk het niet. Ik twijfel.

Goed, een nieuwe theorie. De muziek klinkt nog hetzelfde. Even mooi als gisteren. 
Daar gaat het uiteindelijk om, de muziek.
Niet de naam of de herkomst van die naam.
Ik laat mijn theorie maar voor wat het is: een luchtkasteel, een betekenis geven aan een toevalligheid.
Ik ga terug naar de muziek en laat de theorieën varen.

Ik ben beter in muziek luisteren dan in theorieën aanvaarden.

Uncut cd - de tracklist

In "Dylan kort #1312" schreef ik dat op de cd bij de Uncut die vanaf vandaag in Engeland in de winkels ligt "Idiot Wind" van More Blood, More Tracks staat. Ik heb begrepen dat dit niet klopt. "You're A Big Girl Now" is de track van More Blood, More Tracks op deze cd. Excuses voor de verwarring.
De tracklist van The Best Of The Bootleg Series met achter iedere track het nummer van The Bootleg Series waar de track op te vinden is:

01. Guess I'm Doing Fine (#9)
02. Dink's Song (#7)
03. To Ramona (#6)
04. It Takes A Lot To Laugh, It Takes A Train To Cry (take 8) (#12)
05. One Too Many Mornings (#4)
06. All You Have To Do Is Dream (take 2) (#11)
07. Pretty Saro (#10)
08. You're A Big Girl Now (take 2) (#14)
09. It Ain't Me, Babe (#5)
10. Slow Train (live, 29/06/1981) (#13)
11. Blind Willie McTell (#1-3)
12. Born In Time (#8)

[met dank aan Gerbrand]

Dylan kort #1312

Setlist 14 oktober: Things Have Changed / It Ain't Me, Babe / Highway 61 Revisited / Simple Twist Of Fate / Cry A While / When I Paint My Masterpiece / Honest With Me / Tryin' To Get To Heaven / Scarlet Town / Make You Feel My Love / Pay In Blood / Like A Rolling Stone / Early Roman Kings / Don't Think Twice, It's All Right / Love Sick / Thunder On The Mountain / Soon After Midnight / Gotta Serve Somebody // [encores] // Blowin' In The Wind / Ballad Of A Thin Man
Setlist 16 oktober: Things Have Changed / It Ain't Me, Babe / Highway 61 Revisited / Simple Twist Of Fate / Cry A While / When I Paint My Masterpiece / Honest With Me / Tryin' To Get To Heaven / Scarlet Town / Make You Feel My Love / Pay In Blood / Like A Rolling Stone / Early Roman Kings / Don't Think Twice, It's All Right / Love Sick / Thunder On The Mountain / Soon After Midnight / Gotta Serve Somebody // [encores] // Blowin' In The Wind / Ballad Of A Thin Man

Uncut komt met een tijdschrift vol Dylan. Uiteraard is er veel aandacht voor de aanstaande release van More Blood, More Tracks, het veertiende deel van The Bootleg Series, in deze Uncut. Daarnaast zit er bij het tijdschrift de cd The Best Of The Bootleg Series. deze cd bevat 12 tracks van verschillende delen van The Bootleg Series, waaronder een versie van "Idiot Wind" van More Blood, More Tracks. Deze Uncut ligt vanaf 18 oktober in Engeland in de winkels. In Nederland zal het tijdschrift waarschijnlijk een week later in de schappen liggen. [met dank aan Gerbrand]
Luca Guadagnino verfilmt Bob Dylans Blood On The Tracks, zie hier. [met dank aan Dirk]
25 november: de lezing "Bob Dylan als dichter" door drs. Liesje Scheuders in Den Helder, zie hier.

De hoezen #7 - door Patrick Roefflaer

10 – Nashville Skyline
Uitgebracht: 9 april 1969
Fotograaf Elliott Landy
Hoestekst Johnny Cash
Fotograaf achterzijde Al Clayton
Art-director ?


Van op de hoes van Nashville Skyline lacht Dylan ons vrolijk groetend toe. 

Opnieuw is de hoesfoto quasi toevallig tot stand gekomen. Het oorspronkelijke opzet was zelfs helemaal anders. Het was de bedoeling dat de foto die nu op de achterzijde staat,  op de voorzijde zou prijken.

Al Clayton

In 1956 is Al Clayton een derdejaars student geneeskunde bij de Navy, wanneer hem een fototoestel in handen wordt gestopt om een operatie in beeld te brengen. Hij blijkt er talent voor te hebben en zet zijn opleiding verder aan de U.S. Navy Medical Photography School om zo medisch fotograaf te worden. Na zijn ontslag uit het leger gaat hij verder studeren aan de kunstschool van Los Angeles en vestigt zich dan in 1963 als fotograaf in Nashville.

In het midden van de jaren zestig trekt hij door de Mississippi Delta, oostelijk Kentucky, Georgia en Alabama, waar hij de armoede documenteert. In juli ’67 worden zijn foto’s gebruikt  om senatoren aan te sporen een armoedebestrijdingsprogramma op te starten. Twee jaar later verschijnen de foto’s in boekvorm: Still Hungry In America.

Johnny Cash is onder de indruk van het boek en raakt bevriend met de fotograaf. Zo komt het dat Clayton er bij is wanneer Cash, midden februari 1969, een feestje geeft in zijn huis aan Cumberland River in Nashville. Onder de gasten: Kris Kristofferson, Mickey Newbury en Bob Dylan. Die is in de stad om er de songs voor zijn volgende elpee op te nemen. “Bob en Sara en de kinderen verbleven bij mij thuis terwijl hij die plaat aan het opnemen was,” verklapt Cash.

Clayton tracht Dylan te benaderen, maar dat is niet makkelijk: “Dylan was ongewoon. Mijn eerste indruk was dat hij extreem timide was. Op het randje van paranoïde, bevreesd zelfs.[…] Ik probeerde met hem te praten, maar telkens ik over iets begon, reageerde hij met: ‘Daar weet ik niets van.’ Hij was erg gesloten en op zich zelf.”

Toch kan Clayton hem enkel foto’s van de skyline van de stad bezorgen. Dylan kiest er een uit voor de hoes. Meteen heeft hij ook een titel voor de plaat: Nashville Skyline – soms kan het leven makkelijk zijn. 


Elliott Landy

Johnny Cash levert een gedicht aan, dat zal worden afgedrukt op de achterhoes. Er blijft nog wat plaats over en de platenfirma vraagt een portret van de zanger. Vooral ook omdat de voorzijde toch wel erg anoniem is.

De keuze valt op Elliot Landy, een man die sinds kort in de buurt van Dylan woont, in Woodstock. Hij bracht er onder andere het beroemde festival in beeld. Maar het zijn de foto’s die Landy voor de debuutelpee van The Band maakte, die de aandacht van Dylan trokken.

In zijn boek Woodstock Vision (1994) vertelt Elliott Landy hoe de foto tot stand kwam. “[Dylan] had de foto voor de voorzijde al gekozen  - een beeld van de horizon van Nashville, waar hij de plaat had opgenomen.
Vooraf hadden we geen idee wat we zouden doen – er was geen concept. Hij stelde voor om naar de lokale bakker te gaan, waar we foto’s maakten met zijn  zoon Jesse en twee toevallige passanten uit Woodstock. […]”
Dylan heeft zijn bril op, een pluizig baardje en draagt zijn lederen vest – dezelfde die hij ook droeg op de hoezen van Blonde on Blonde en John Wesley Harding.
“Hij had het nog steeds moeilijk om te poseren en daardoor voelde ik mij ook ongemakkelijk om hem te fotograferen. Maar we hielden vol. We maakten wat foto’s aan de bakkerij en trokken dan naar mijn huis. Daar maakten we nog wat foto’s.”

Maar Dylan bedenkt zich. Hij heeft liever niet dat zijn zoontje in beeld komt.
“Hij was erg gelukkig”, meent Landy. “Verliefd op zijn lieflijke en bevallige vrouw Sara en zijn familie. Hij verstopte zich voor de buitenwereld, om er te genieten van de magische ervaring jonge kinderen te hebben. Dat weerhield mij er jarenlang van om deze foto’s te publiceren. Hij is erg gehecht aan privacy.”

Dus wordt er een nieuwe afspraak geregeld. Dit keer mag de fotograaf Dylan thuis  gaan bezoeken, in Byrdcliff. (Een wist-je-datje: Dylans huis, Hi Lo Ha, is nu eigendom van Donald Fagen van Steely Dan.)

Die ochtend heeft het stevig gesneeuwd, maar na de middag is de zon doorgebroken. Daarom stelt de fotograaf voor om naar buiten te gaan. Omdat het nat is, trekt Dylan laarzen aan. Bij het naar buiten gaan grijpt hij een gitaar die hij van George Harrison cadeau heeft gekregen en een hoed. “Kunnen we deze gebruiken?”

Ze trekken naar het bos achter zijn huis op zoek naar een leuke locatie.
“Opeens bleef Dylan staan,” schrijft Landy in zijn boek. “Hij had blijkbaar een idee. ‘Probeer hier eens,’ zie hij en wees naar de grond. Terwijl ik wou gaan zitten, merkte ik dat het modderig was, maar ik zette door.
‘Denk je dat ik deze moet opzetten?’ vroeg hij, terwijl hij zijn hoed naar zijn hoofd bracht. Hij lachte omdat hij zich inbeeldde hoe hij er zou uitzien met die belachelijke ouderwetse hoed.
Geen idee, zei ik, terwijl ik afdrukte.
Het ging allemaal razendsnel. Had ik even geaarzeld, dan was ik de foto gemist die op de hoes zou komen.”

Wanneer Dylan het resultaat ziet, beslist hij dat dit de hoesfoto wordt. Hij vraagt uitdrukkelijk dat er niets bij geschreven zou worden – geen naam, geen titel, niets.
Desondanks zet CBS het logo in de linker bovenhoek. Landy is behoorlijk ontgoocheld: “Hoewel dit een kleine en onbelangrijke toevoeging lijkt, verknoeit het toch het drie dimensionele beeld. Probeer het eens uit: bedek het logo, neem je hand weg en bedek het opnieuw. Het beeld gaat van twee naar drie dimensies en terug.”


Eric von Schmidt

De pose van Dylan op de albumhoes doet denken aan die van Eric von Schmidt op The Folk Blues of Eric von Schmidt. Het feit dat die elpee uit 1963 te zien is als een van de voorwerpen op de hoes van Bringing It All Back Home, wijst erop dat Dylan vertrouwd was met het beeld. De keuze voor net deze foto kan dus geen toeval zijn. Vandaar misschien ook het lachje van Dylan op het moment dat hij  suggereerde de foto te maken.

simpelweg omdat ik het nogmaals wil horen

setlists

setlist 12 oktober: Things Have Changed / It Ain't Me, Babe / Highway 61 Revisited / Simple Twist Of Fate / Cry A While / When I Paint My Masterpiece / Honest With Me / Tryin' To Get To Heaven / Scarlet Town / Make You Feel My Love / Pay In Blood / Like A Rolling Stone / Early Roman Kings / Don't Think Twice, It's All Right / Love Sick / Thunder On The Mountain / Soon After Midnight / Gotta Serve Somebody // [encores] // Blowin' In The Wind / Ballad Of A Thin Man
setlist 13 oktober: Things Have Changed / It Ain't Me, Babe / Highway 61 Revisited / Simple Twist Of Fate / Cry A While / When I Paint My Masterpiece / Honest With Me / Tryin' To Get To Heaven / Scarlet Town / Make You Feel My Love / Pay In Blood / Like A Rolling Stone / Early Roman Kings / Don't Think Twice, It's All Right / Love Sick / Thunder On The Mountain / Soon After Midnight / Gotta Serve Somebody // [encores] // Blowin' In The Wind / Ballad Of A Thin Man

Summer Days (2001) - door Jochen Markhorst

Summer Days (2001)

De Zweedse computerwetenschapper en onderzoeker Olof Björner (1942) is een gevierd en gerespecteerd man in Dylankringen. Al sinds 1963 volgt hij de carrière van de bard en sinds 1989 (Words Fill My Head) publiceert hij de resultaten van zijn monnikenwerk: uitputtende, gedetailleerde en accurate overzichtslijsten van elke noot die Dylan in studio’s, op de bühne en in oefenruimtes speelt. De Dylanologen zijn er blij mee; zijn site, bjorner.com, is vrij toegankelijk, wordt regelmatig geüpdatet en is een onvergelijkbare bron van duizenden weetjes over Dylansongs.
Statistiekliefhebbers kunnen hun hart onder andere ophalen bij de song index. Daar houdt Björner bij hoe vaak en waar Dylan zijn (en andermans) songs speelt, en voor de cijferfetisjisten administreert hij ook nog eens op een apart lijstje de songs die Dylan inmiddels meer dan vijfhonderd keer heeft gespeeld. In het voorjaar van 2018 staan daarop 32 liedjes en de top wordt gevormd door de usual suspects:

1. All Along The Watchtower (2257 keer)
2. Like A Rolling Stone (2029)
3. Highway 61 Revisited (1919)
4. Tangled Up In Blue (1700)
5. Blowin’ In The Wind (1542)

Je zou dus zeggen dat dit de vijf songs zijn waarop de meester het meest trots is, die hij zelf het liefst speelt, die hem nooit vervelen. Helemaal zuiver is die gevolgtrekking echter niet. “Like A Rolling Stone”, bijvoorbeeld, is tien jaar ouder dan “Tangled Up In Blue” en heeft dus een ‘oneerlijke voorsprong’. Zuiverder wordt de ranglijst als je het aantal uitvoeringen deelt door het aantal jaren sinds het lied tot Dylans repertoire behoort; zo krijg je een gemiddeld aantal uitvoeringen per jaar.
Dan ziet de top vijf er opeens radicaal anders uit:

1. Summer Days (51,8 keer per jaar, sinds de eerste uitvoering in 2001)
2. Things Have Changed (51,6)
3. All Along The Watchtower (43,4)
4. High Water (For Charley Patton) (42,1)
5. Love Sick (41,0)

Helemáál zuiver wordt de ranglijst als je het aantal uitvoeringen deelt door het aantal concerten dat Dylan sinds het debuut van de betreffende song heeft gegeven, maar laten we niet overdrijven. Voor de ranglijst zal dat niet wezenlijk uitmaken, de verrassing “Summer Days” blijft het relatief meestgespeelde lied van Dylan.

Verrassend, want “Summer Days” behoort beslist niet tot de canon. Het wordt nooit genoemd in lijstjes van Favoriete Dylansongs, is niet op single verschenen, covers zijn er nauwelijks en het wordt zelden geselecteerd voor de compilatiealbums die maar blijven verschijnen. Twee keer slechts; “Summer Days” is het laatste nummer op de Amerikaanse uitgave van The Best Of Bob Dylan, 2005, en het is een van de 87 geselecteerde songs voor de Japanse uitgave van de 5cd-box Dylan Revisited – All Time Best, 2016. Overigens is dit niet al te veelzeggend; voor de acht officiële Best Of en Greatest Hits verzamelalbums en overzichtsboxen die sinds “Summer Days” zijn uitgebracht, zijn maar liefst 127 verschillende songs geselecteerd – het is eerder een prestatie om niet gekozen te worden voor zo’n melkkoe.

Dylans passie voor “Summer Days” is moeilijk te doorgronden. Het is een aanstekelijke, stuwende twaalfmatenblues, heerlijk om te spelen voor de band en het jaagt een prettige, opwindende Schwung door het publiek, maar ja: in die categorie heeft Dylans catalogus tientallen songs. “It Takes A Lot To Laugh”, “New Pony”, “Lonesome Day Blues”… die lijst is lang. Onderscheidend, vergeleken met al die andere opwindende, publieksvriendelijke bluessongs, is dan misschien de tekst – iets doet Dylan immers zo significant veel vaker naar “Summer Days” grijpen.

De tekst bij het lied is, zoals bij veel songs van “Love And Theft” (2001), liefdevol bijeengestolen uit nogal onsamenhangende bronnen. Het meest curieus is en blijft de inmiddels genoegzaam bekende greep naar dat obscure Japanse werk, naar Confessions Of A Yakuza van Junichi Saga. Dylan citeert daaruit in enkele songs op “Love And Theft” (in “Lonesome Day Blues” en in “Floater”, vooral) en hier kopieert hij de old businessman- en de break in the roof-passages. Minstens zo obscuur is de herkomst van de regel I got eight carburetors, boys, I’m using ’em all; dat parafraseert bijna letterlijk It's got eight carburetors and it uses them all (en is vijf coupletten later eveneens short on gas) uit de surfrocker “Hopped-Up Mustang” van Arlen Sanders, een geflopte single uit 1964 die zo af en toe nog wel eens op compilatiealbums is te vinden. Verderop op het album gunt Dylan dat verstofte singletje een letterlijke name-check, in “High Water (For Charley Patton)”:

I got a cravin’ love for blazing speed
Got a hopped up Mustang Ford

En verder dwarrelen dan nog de ‘gewonere’ knipoogjes naar Elvis (“I’m Counting On You”), Woody Guthrie en een enkele folksong langs (Where do you come from? Where do you go? is natuurlijk het refrein van “Cotton-Eyed Joe”).
Maar dan het zevende couplet, dat overvolle couplet met het leengoed uit The Great Gatsby (F. Scott Fitzgerald, 1925). Maar liefst tweeëntwintig lettergrepen propt de bard in die derde coupletregel (She says, “You can’t repeat the past.” I say, “You can’t? What do you mean, you can’t? Of course you can”) …kennelijk wil de dichter dit citaat héél erg graag erin hebben, waarvan de lengte zelfs voor een erkend Grootmeester van de Frasering als Dylan nogal een uitdaging is.
De inhoud van het citaat spoort met de verhalen die medewerkers en sessiemuzikanten over de opnames vertellen, illustreert Dylans expliciete bedoeling met “Love And Theft”: ‘to repeat the past’, om het verleden te reanimeren. Niet alleen hergebruikt Dylan oude melodieën en tekstfragmenten, hij neemt ook oude singletjes mee naar de studio om zijn band duidelijk te maken welke sound hij wil reproduceren, welke geschiedenis hij wil herhalen. Technicus Chris Shaw getuigt daarvan: “Bij “Love And Theft” en bij Modern Times kwam Bob soms aanzetten met referentienummers, met oude songs, en zei dan zo moet het nummer zijn.” En technicus Mark Howard vertelt dat die behoefte ontstaat in de aanloop naar Time Out Of Mind (1997):

Hij zocht dan een radiozender op die hij alleen tussen Point Dune en Oxnard kon ontvangen. Opeens was het er dan en daar draaiden ze allemaal van die ouwe bluesplaten, Little Walter en zo. En dan vroeg hij aan ons: ‘Waarom klinken die platen zo geweldig? Waarom heeft niemand meer zo’n sound? Kan ik dat niet krijgen?” Dus ik zeg, ja hoor die sound kun je nog steeds wel krijgen. “Nou,” zegt hij, “dat is de sound die ik voor deze plaat wil hebben.” 

Daniel Lanois, de producer van Time Out Of Mind, beaamt dat, beaamt die speurtocht naar restauratie van het verleden: “We refereerden aan een paar oude platen uit de jaren 50 waarop Bob nogal dol is”, en ook studiomuzikanten als Duke Robillard bevestigen die werkwijze.
Op zich rijmt dat slecht met eveneens betrouwbare, uiteenlopende getuigenissen die verklaren dat Dylan ‘really, really hates to repeat himself’, het rijmt slecht met het herkenbare gegeven dat Dylan zo’n hekel heeft aan herhaling. Die weerzin zien we al decennia gedemonstreerd op de podia; Dylan blíjft zijn songs veranderen, vernieuwen, herinterpreteren, tot in het onherkenbare toe, zelfs. Een weerzin die alleen zijn eigen werk betreft, kennelijk. Eigenlijk al sinds Oh Mercy (1989), maar onmiskenbaar, expliciet sinds “Love And Theft” lijkt de oude meester het zijn missie te hebben gemaakt to repeat the past.
In het zevende couplet van “Summer Days” verwoordt hij dat dan ook met zoveel woorden, en sedertdien blijft hij het, in zijn Never Ending Tour, over de hele wereld herhalen – sinds de première van de song, 5 oktober 2001 in Spokane, Washington, heeft de bard zijn provocerende natuurlijk kun je het verleden wel herhalen al vanaf een kleine negenhonderd podia het publiek ingeslingerd. Hij meent het echt.

Groene Amsterdammer #41 van 11 oktober 2018


[met dank Herman]

Leonard Cohen - Kanye West is not Picasso

In maart 2015 schreef Leonard Cohen het gedicht "Kanye West is not Picasso". Dat gedicht begint zo:

Kanye West is not Picasso
I am Picasso
Kanye West is not Edison
I am Edison
I am Tesla
Jay-Z is not the Dylan of Anything
I am the Dylan of anything
I am the Kanye West of Kanye West

De titel van het gedicht doet denken aan wat Cohen ooit over Dylan zei: "He's the Picasso of song".
Het hele gedicht is te vinden in het boek The Flame. Ook kan het gedicht hier gelezen worden.

Dylan kort #1311

Setlist 7 oktober: Things Have Changed / It Ain't Me, Babe / Highway 61 Revisited / Simple Twist Of Fate / High Water (For Charley Patton) / When I Paint My Masterpiece / Honest With Me / Tryin' To Get To Heaven / Scarlet Town / Make You Feel My Love / Pay In Blood / Like A Rolling Stone / Early Roman Kings / Don't Think Twice, It's All Right / Love Sick / Thunder On The Mountain / It Takes A Lot To Laugh, It Takes A Train To Cry / Gotta Serve Somebody // [encores] // Blowin' In The Wind / Ballad Of A Thin Man
Setlist 9 oktober: Things Have Changed / It Ain't Me, Babe / Highway 61 Revisited / Simple Twist Of Fate / High Water (For Charley Patton) / When I Paint My Masterpiece / Honest With Me / Tryin' To Get To Heaven / Scarlet Town / Make You Feel My Love / Pay In Blood / Like A Rolling Stone / Early Roman Kings / Don't Think Twice, It's All Right / Love Sick / Thunder On The Mountain / It Takes A Lot To Laugh, It Takes A Train To Cry / Gotta Serve Somebody // [encores] // Blowin' In The Wind / Ballad Of A Thin Man
Setlist 10 oktober: Things Have Changed / It Ain't Me, Babe / Highway 61 Revisited / Simple Twist Of Fate / Love Sick / Cry A While / When I Paint My Masterpiece / Honest With Me / Tryin' To Get To Heaven / Scarlet Town / Make You Feel My Love / Pay In Blood / Like A Rolling Stone / Early Roman Kings / Don't Think Twice, It's All Right / Thunder On The Mountain / Soon After Midnight / Gotta Serve Somebody // [encores] // Blowin' In The Wind / Ballad Of A Thin Man
Stu Kimball: Bob Dylans huidige tournee is inmiddels vijf concerten oud en gitarist Stu Kimball is nog steeds in geen velden of wegen te bekennen. Het lijkt er op dat Kimball definitief Dylans band verlaten heeft.
Traveling Wilburys vol. 1 is dertig jaar oud. Om dit te vieren wordt dit album op 2 november als picture disc uitgebracht, zie hier.
Een ontmoeting met fotograaf Jerry Schatzberg [met dank aan Jan en Rob]: